woensdag 31 augustus 2011

Klaar voor de start?!

31 augustus, een magische datum voor de Vlaamse leraren.  Het oudjaar voor een nieuw schooljaar.


De voorbije dagen, weken zijn de Vlaamse leerkrachten weer druk aan het werk geweest.  De lokalen moesten immers klaargemaakt worden om een nieuwe bende kinderen te kunnen ontvangen.  Na een lange vakantie vol ontspanning, plezier, gezinsuitstappen, ... van wel 9 weken, worden de laatste uren afgeteld tot het nieuwe begin.  De klaslijsten zijn bekend, de naamkaartjes desnoods gemaakt.  De boeken liggen klaar en de etiketten gedrukt.


De voorbije maanden/weken/dagen hebben we echter niet stilgezeten!  Leerkrachten hebben een ingebouwde radar voor nuttige, eventueel te gebruiken, ideeën voor in de klas.  Een bezoekje aan de Efteling doet je misschien denken over de aanpak van het thema sprookjes.  Bij Carnavalfestival aldaar doe je inspiratie op voor een activiteit met schimmenspel.  De ingewikkelde achtbanen doen denken aan de lessen techniek die misschien nog bijgeschaafd kunnen worden.  Overal waar je komt, wat je meemaakt tijdens vrije dagen kan inspiratie opleveren voor het verbeteren of aanpassen van lessen en activiteiten.  Zoiets verloopt natuurlijk.  Soms moeten we ons er zelfs toe dwingen om eventjes eens níet aan school te denken.  Al is dat vaak toch onmogelijk, gezien de omgeving die er ons regelmatig aan herinnert.


Dat begint al bij de aanvang van de vakantie:


  • "Goh, wat ga je toch moeten doen in die lange tijd?", 
  • "Die mannen van 't onderwijs staan er weer goed op!" 
Dit zijn maar enkele zinnen die ik vaak te horen kreeg begin juni.
Naar verloop van tijd wordt dat dan:


  • "De vakantie nog niet moe?"
  • "Mis je de kinderen/klas/school niet te veel?". 
Begin augustus laten de rekenwonders dan weer weten dat de vakantie toch al in de helft is.  Stilaan beginnen de eerste 'Terug naar school'-reclamefolders zich te laten zien.  Het plaatselijke kopieerwinkeltje hangt de spandoeken al buiten, online shops prijzen hun boekentassen, pennenzakken en meer schoolsupplies aan aan (enorme) kortingen.  We kunnen er gewoon niet rond.  Op 15 augustus is het dan zover, voor mij.  Ik mag (van mezelf) officieel aan het nieuwe schooljaar beginnen denken.  Mensen rondom me zijn zich hiervan duidelijk al bewust en herinneren me eraan dat het toch niet meer zo lang duurt voor het 1 september is.


Ik waagde mezelf dus maar aan een eerste stapje in mijn lokaal.  De eerste stap van het nieuwe schooljaar.  Een schooljaar vol met nieuwe gezichten, aanpassingen/verbeteringen aan lessen en activiteiten en vol met goesting!  Klaarzetten van de bankjes, op orde maken van de kasten, de wandelwegen van de leerlingen bekijken, prikborden aankleden, computers aansluiten en uittesten, ... .  En niet te vergeten: de small talk met de collega's.  De mensen die het onderwijs zo enorm boeiend kunnen maken voor jezelf, waarvan je veel opsteekt, die je complimenteren en kunnen troosten...  We hebben ze zo lang moeten missen.  Hoe was hun vakantie?  "Zijn de kindjes al gegroeid?"  "Amai, gij zijt bruin!".  Geweldig weerzien.


Mijn agenda voor de eerste dagen is bijna klaar.  Ik ga, net als andere jaren, de kinderen laten wennen aan de lagere school en de aanpak in het 1ste leerjaar.  Laat ze nog maar eventjes kleuter zijn.  De stap is groot genoeg.  Leren zullen we zeker al wel doen, speels, op het tempo van de kinderen.  We maken de overgang geleidelijk.  De eerste dagen zullen we ook nog spelen: buiten in de zandbak, aan de glijbaan of binnen met de blokken, auto's, poppen, kaarten en nog meer.  Stilaan zullen de ouders en hun meester hen zien groeien naar echte kinderen van de lagere school.  Kinderen die kunnen lezen, rekenen en schrijven.  En daar trots op kunnen zijn.  Het is mooi om zien dat ze op een korte tijd zoveel bijleren.  Je ziet ze groot worden.  Een mooi proces!


Ik ben benieuwd wat dit schooljaar brengt.  Ik ben er klaar voor! Ik heb er zin in!
Vanaf mijn officiële ik-mag-aan-school-beginnen-dag ging ik doelgericht op zoek naar tips en ideeën om het schooljaar te starten.  Hierbij merkte ik een mooie yurls op, met tips voor afspraken, klasinrichting en enkele filmpjes van Leraar24.  Meester Michel heeft op zijn website enkele checklists om het nieuwe schooljaar te kunnen starten en tips voor de eerste schooldag.  Juf Janneke informeert de kleuterjuffen met haar project 'We gaan naar school' met allerlei leuke activiteiten en downloads.  Op Baswereld vind je praatplaten over de klas (nummer 22) en de speelplaats (nummer 31) voor op het digibord.  Tenslotte geeft de lijstjeswebsite 12 Most twaalf handige tips om het schooljaar goed te kunnen starten.










* Uiteraard wil ik dit alles niet veralgemenen.  Al zou het me wel een aangenaam gevoel bezorgen dat er nog meer leerkrachten er zo over denken.  Zo kan ik ook mijn naasten ervan overtuigen dat dit een onderdeel van de job is. :-)

zondag 28 augustus 2011

De kracht van games

DE KRACHT VAN ANGRY BIRDS
Ik ontdekte Angry Birds midden in de hype.  Het ging wat traag op mijn smartphone.  Wat was ik blij dat Google ervoor koos om dit populaire spelletje ook via Chrome beschikbaar te maken!  Enkele levels later bedacht ik systeempjes en bestudeerde ik de richting en de werphoeken van de boze vogeltjes.  Het spel deed iets met me.  Door al zijn eenvoud wakkerde het mijn interesse in (on)stabiliteit aan.  Het spelen deed me onrechtstreeks denken aan die enkele keren dat ik onhandig gewapend met breekijzer, zware hamer of zelfs drilboor muren, vloeren en meer mocht vernielen.  Het kapotmaken van dingen heeft iets aantrekkelijks voor de mens.  Denk aan kinderen die op het strand niets liever doen dan hun zelfgebouwde zandtorens of -kastelen weer stuk maken.  Zo ook bij de constructies van Angry Birds.  Al wordt hier wel verwacht dat je het bouwwerk op de juiste plek raakt om de rivalen te vernietigen.  Een minieme kennis van constructies kan dus zeker helpen.


ANGRY BIRDS vs. TECHNIEKONDERWIJS
Door mijn interesse voor techniek aan te wakkeren begon ik de dingen rondom mij op een andere manier te bekijken.  Hoe zit dat in elkaar?  Waarvan is dat gemaakt?  Maar vooral: wat kan ik ermee in de klas?  Het bekijken van een stoel bijvoorbeeld deed me nadenken over het aantal poten en de vorm ervan.  Kinderen een miniatuurstoel laten ontwerpen kan een perfecte techniekles zijn: met satéprikkers, karton, houten latjes of gewoon papier een stoel maken voor hun knuffel.  Zo ook met Angry Birds.  Wat kan ik ermee in de klas?  Dat het een deeltje van techniek bevat, is hierboven al bevestigd.  Toch lijkt me het doelloos spelen van het spel niet voor binnen de schoolmuren.  Het spel moet geduid worden.  Kinderen weten graag waarom ze net díe zaken voorgeschoteld krijgen in de klas.  Het is dan ook aan ons om zulk een spel in een groter geheel te kaderen.  Wat kan je later doen met wat je nu leert?  Wat is het doel van deze les.  Een transparante houding van de leerkracht zorgt voor open communicatie en voor meer leerlingbetrokkenheid.








Na een inleiding over de werkwijze en doel van Angry Birds door een filmpje, laat je de kinderen zelf hun Angry Bird(s) maken door vouwbladen aan te bieden.  Deze kan je hier downloaden.  Met karton, keukenrollen en wc-rollen maken ze hun eigen constructies waarnaar ze met zelfgemaakte katapult hun boze vogels toewerpen.  Succes gegarandeerd!  En hebben ze hierbij ook iets geleerd?  Natuurlijk!  In de leerplannen techniek is sprake van de 3 dimensies en 4 componenten van techniek (zie afbeelding onder).  Dit spel situeert zich binnen de dimensies begrijpen en hanteren, bij de componenten technisch systeem en technische keuzes.




GAMES vs. TECHNIEKONDERWIJS
Niet alleen constructiegames als Angry Birds kunnen nuttig zijn in het techniekonderwijs.  Tussen de vele games op spelletjeswebsites vind je vaak pareltjes om in de klas te kunnen gebruiken.  Naast de (technische) inhoud van sommige games hebben gamen en techniek nog andere raakvlakken.  Kinderen zijn actief, geconcentreerd en gemotiveerd bezig met het oplossen van uitdagende problemen.  Ze worden geacht deze problemen gestructureerd aan te pakken, waarbij het denkproces een belangrijke rol speelt.  Techniek en ICT hebben elkaar dus duidelijk gevonden.


Aan het begin van de vakantie begon mijn zoektocht naar passende games binnen het domein techniek: games die qua inhoud aansluiten bij de inhoud van technieklessen.   Een grote verscheidenheid viel me hierbij op.  Elke technische sector komt hierbij aan bod, alsook elke cel van de technische matrix uit de eindtermen (zie boven).  Alle bruikbare games werden bijeengebracht in de publicatie "Techniek op het menu: games en tools voor het basisonderwijs".  Ik heb hierbij geprobeerd om in de chaos van de techniekwebsites, -games en       -toepassingen orde te scheppen.  Op een verzamelsite vind je onder de verschillende tabbladen en rijen een overzicht van games, tools, lesideeën en filmpjes voor telkens de onder-, midden– en bovenbouw van het lager onderwijs.  In het boek krijg je telkens van alle games en tools een korte beschrijving hoe het spel gespeeld wordt en in welke technieksector en rubriek deze gecategoriseerd worden.  Het aantal niveaus of levels geeft weer in welke mate het spel opbouwend werkt.  Het kan ook een idee geven van de tijdsduur van het spel.  De bediening van het spel voegde ik eraan toe om een beeld te geven welke games eenvoudig op het digibord kunnen worden gespeeld.


Interesse in de publicatie?  Een mailtje volstaat.  Je kan 'm ook downloaden door te 'betalen met een tweet' op de home van deze blog.


DE KRACHT VAN GAMES IN DE KLAS
Games en het onderwijs: een zinvolle combinatie!  Ook Vlaams minister van onderwijs Pascal Smet is het hiermee eens.  In zijn gesprekken met leerlingen en studenten schrok hij ervan hoe vaak hij hoorde dat ze het saai vinden op school, waardoor hun betrokkenheid verlaagt.  Het kan natuurlijk niet de bedoeling zijn dat zelfs leerlingen van de lagere school hun enthousiasme verliezen tijdens hun nog jonge schoolloopbaan.  Want kinderen zijn van nature nieuwsgierig en willen net nieuwe dingen ontdekken. Minister Smet raadt de scholen aan om de leefwereld van de kinderen,  een omgeving vol prikkels van internet, games en televisie, ook in de school te volgen.  Het lijkt hem een goed idee om games te introduceren in het onderwijs, al hoeft hier niet in overdreven te worden.  Games in het onderwijs kunnen voor de nodige variatie zorgen, om de betrokkenheid
van kinderen te verhogen en hen inhouden te laten beleven.


Gamen in de klas zal niet enkel zorgen voor een aanvulling en beleving van de leerstof. Het maakt kinderen ook ict-vaardiger.  Hoe gebruik ik een computer, toetsenbord en muis?  Het biedt kansen aan de leerlingen om problemen coöperatief aan te pakken.  Het is dan ook wenselijk om kinderen meestal per twee aan het gamen te zetten.  Ze leren van de game en van elkaar.  Daarenboven zullen slechts weinig klassen of scholen uitgerust zijn met een computer per kind.  Ook organisatorisch gezien een pluspunt.


SERIOUS GAMES
Naast de hele hoop ontspannende games waarin de leerkracht zelf zijn weg moet zoeken om een bruikbaar spel te vinden binnen de doelen van de les, worden tegenwoordig steeds vaker serious games uitgewerkt.  Zulke games worden ontwikkeld met inzicht in educatie.  Les- en themadoelen worden bewust ingebouwd in het spel zodat er tijdens het spelen een leerproces ontstaat.  Kinderen krijgen hierdoor inzichten in het onderwerp van de serious game.  Geschiedenisdocent Jelmer Evers verzamelde allerlei games die interessant kunnen zijn voor het onderwijs in een Diigo-groep.  Verder vind je op het web een wikibook over serious games.  Interessante lectuur!

zaterdag 18 juni 2011

Onderwijsjeslijstjes (deel 1)

Ik kocht een boek, een lijstjesboek.  Getiteld: List|O|Mania, een oplijsting van meer dan 30 jaar pop- en rockgeschiedenis.  Geschreven (samengesteld) door Stijn Van de Voorde (die van Studio Brussel).  Het sprak me meteen aan: het gaat over muziek!  Geschreven door iemand die er iets over weet!  Bovendien voorzien van een enorme hoeveelheid inspirerende doedels door Emma Thyssen.


Al bij het lezen van de proloog voelde ik de uitdaging om aan onderwijslijstjes te gaan werken.  Ik neem me voor dat er veel te weinig lijstjes bestaan in functie van het onderwijs.  Ok, er bestaan de zogenaamde 23 onderwijsdingen en de 23 onderwijsdingen voor het primair onderwijs.  Maar dat zijn naast lijstjes toch eerder handleidingen om leerkrachten mediawijzer te maken.  Verder heeft Klasse ook heel wat stappenplannen in de vorm gegoten van lijstjes onder de noemer 'De Eerste Lijn'.  Maar een echte verzameling van onderwijslijsten met tal van trivia, nuttige onderwijsdingen en bruikbare inhoud ben ik nog niet tegengekomen tijdens mijn webronddwalingen*.  Eigenlijk zijn dit gewoon maar uitvluchten, natuurlijk.  Het is dus ook geweldig leuk om lijstjes samen te stellen.  Het doet me denken aan High Fidelity.  Met voorsprong mijn favoriete boek, film en soundtrack.  Over muziek! En lijstjes...


Bon, lijstjes over het onderwijs, dus.  Ik heb hopen ideeën voor lijstjes  die stilaan ook al een invulling krijgen.  Het zal niet bij deze ene 'onderwijsjeslijstjes' blijven.  Vandaar 'deel 1' achter de titel.   Hoeveel het er precies worden, kan niemand zeggen.  We zien wel.  Veel plezier met het bestuderen ervan!


Hierbij mijn introlijstje.  De trouwe over-onderwijs-lezer heeft uiteraard al opgemerkt dat dit mijn 2de lijstje betreft.  In het vorige artikel over de laatste schooldagen maakte ik ook al een lijstje publiek: "waarom onderwijzers vakantie hebben".  En of dit aansprak... zie reacties op Facebook.


* Na het herlezen van bovenstaande wil ik toch nog melden dat ik een geweldige fan ben van de "# ways to use ... in the classroom" waarbij # staat voor een hoeveelheid en ... voor een fijne ict-tool.  Twitter, Wallwisher, Wordle, Technology, QR-codes, Social Media e.v.a. passeerden al de revue.  

De laatste loodjes...

De maand juni.  Het moment waar bij menig leerkracht uit het Vlaamse landschap de spanning begint te stijgen.  De vakantieplannen zijn ondertussen al gemaakt, maar de focus op leerstof, leerlingen en administratie neemt in stijgende lijn toe.  Sommigen onder ons zullen de dagen aftellen tot het zover is: 30 juni!  Dromen van de boekentas in een hoekje te gooien en languit in de terrasstoel met boek en een drankje.  Toch denk ik dat de meeste onderwijzers deze dagen anders besteden en zich niet enkel beperken tot de tijdsmeting der laatste schooldagen.


Al zijn we er ons volledig van bewust hoeveel tijd we nog hebben om alles af te sluiten wat we het voorbije schooljaar hebben opgebouwd.  De rapporten moeten op tijd klaar zijn om meegegeven te worden.  Daar zijn de gevreesde toetsen noodzakelijk voor.  Zonder toets geen evaluatie.  Deze toetsen inplannen betekent voor leerkrachten een extra inspanning.  Uiteraard moet alle leerstof gezien zijn voor de toets kan worden gemaakt.  Heel graag onderwerpen we onze leerlingen nog aan een leerzame herhaling.  Om dan uit te komen bij de uiteindelijke toets.  Ik hoorde ooit een collega vertellen dat dit de minst aangename lesuren waren van de hele schoolcarrière.  Terwijl van een leerkracht verwacht wordt zijn hele klas te helpen, die daarvoor ook volop in beweging is, is dit bij de toetsen net omgekeerd.  Stil neergezeten de klas observerend, wordt de toets afgenomen.  Daarboven moeten we onze neiging om kinderen uit problemen te helpen met de leerstof volledig achter ons laten.  Ik begrijp collega L. daar volkomen in.  Maar toch zijn zo o zo waardevol, die toetsen!  Om er nadien mee verder aan de slag te gaan.  Om de collega's van het volgend jaar de juiste informatie te kunnen meegeven.  En natuurlijk om de ouders en het volledige netwerk van de leerlingen zinvol te informeren over de leerprestaties van hun kind.



Bon, toetsen gemaakt... toetsen verbeteren... punten bekijken en ingeven... foutenanalyse maken... toetsen ter ondertekening meegeven... toetsen bespreken... toetsen op veilige plek bewaren... rapport opstellen... rapport voorzien van de nodige commentaren.  En dat allemaal liefst nog met de glimlach.


Onze eindspurt naar 30 juni bestaat echter uit meer dan alleen toetsen en rapporten maken.  Leerlingendossiers bijhouden, oudercontacten doen, nieuwe klasgroepen maken, bedankwerkjes maken voor leesmoeders, opvangmoeders en alle kostbare vrijwilligers op school.  Het zorgt allemaal mee voor de 'midden-juni-spanning'.


Voor mij werkt het om een lijstje te maken.  Een waarop ik alle taken die ik nog moet volbrengen voor 30 juni in het kort oplijst.  De lijst telt een twintigtal extra taken, momenteel.  Waarvan er ondertussen al enkele zijn doorstreept, wat zeer motiverend werkt.  De metaforische muur is niet ver meer af.  Om die te beklimmen zijn nog wat hindernissen te overbruggen.  Samen met mijn Post-it lijstje zal het me ook nu weer lukken om de andere kant van de muur te bereiken en me volledig over te geven aan de vakantiemodus.  Maar ook dan, tijdens juli en augustus, blijft mijn taak als onderwijzer door mijn hoofd spoken.  Minder gedwongen.  Mezelf klaarmakend voor een nieuw begin met een nieuwe bende in opnieuw ingericht klaslokaal.


Aan alle leerkrachten: veel plezier deze laatste dagen!  Op naar de andere kant van de muur!


vrijdag 17 juni 2011

Tussendoortjes

Ik herinner me nog goed het allereerste lesje dat ik ooit in mijn hele leven gaf.  Als achttienjarige, net in het 1ste jaar lerarenopleiding, mocht (moest) ik stage lopen bij meester W. in Turnhout.  Nog niet volledig overtuigd van de juiste studiekeuze volgde ik eerst enkele lessen die hij aan zijn klas 3B gaf.  Meester W., niet meteen het toonbeeld der moderne onderwijzer, gaf me niet echt dat veilige gevoel dat een beetje onwennige stagiair nodig heeft.  Ondertussen is hij al bijna 10 jaar onderwijzer-op-rust, welverdiend vermoedelijk.




Het onderwerp dat ik opgegeven kreeg, sprak me niet tot de verbeelding: negatieve getallen.  Erg zenuwachtig, met mijn armen geen blijf wetend, gaf ik de les die ik op papier gezet had.  Volledig uit het hoofd geleerd.  Vlak voor een klas leerhongerige achtjarigen met daarachter meester W. en mijn docente wiskunde.  Beide toepassingen met negatieve getallen, die ik kende, passeerden de revue: het nemen van de lift en de thermometer in de winter.  Ik kwam niet verder dan doceren, instructie en klassikaal oefenen.  Niet verwonderlijk dat mijn les een vol kwartier eerder klaar was dan de voorziene tijd.  Ik rammelde het af alsof het een sneltrein was.  Of de kinderen er iets van begrepen hadden?  Ik had geen idee.  Ik had mijn les gegeven.  En toen... niks meer!  De docente heeft me uit die benarde situatie gered door de kinderen en de leerstof haar volle aandacht te geven.


Op dát moment (ik keek met opengesperde ogen naar haar interactie met de kinderen) wist ik: dit wil ik ook!  Ik nam me voor om nooit nog momenten van verveling te zaaien.  Ik nam me voor om er te staan voor de klas.  Hen te boeien, hun leergierigheid aan te wakkeren en hen rijke leerstof aan te bieden.  En als, áls ik dan nog een moment zou hebben waarop ik niet precies weet welke richting het uit moet, dan nog zou ik iets betekenen in de klas.  Ik ging op zoek naar korte activiteiten die ik in de klas zou kunnen doen tijdens momentjes tussen twee lessen door.  Als afleiding van de werkdag, om de concentratie terug op peil te kunnen brengen, om de kinderen te doen ontspannen.  Maar natuurlijk ook gewoon omdat het leuk is!


Stilaan breidde mijn verzameling tussendoortjes uit tot een massa die onmogelijk nog zo maar uit de mouw geschud kon worden.  Wat duidelijk wél de bedoeling is van een tussendoortje.  Ik maakte fiches met daarop tekst en uitleg van de korte activiteiten die ik lamineerde en in een vrolijk valiesje stak.  Een valiesje dat altijd in de buurt staat en dus zo maar te pakken valt.  Dat valiesje is ondertussen mijn survivalkit geworden voor korte momentjes.  Er zitten tegenwoordig niet alleen de kleurrijke fiches in.  Ook de weinig nodige spulletjes voor de tussendoortjes kunnen erbij: elastiekjes, een wc-rolletje, luciferdoosje een stukje touw, een blinddoek en een muntstuk.


De meeste tussendoortjes in het boekje hieronder zijn bedoeld voor kinderen van de lagere school.  De aandacht gaat hier voornamelijk naar het plezier ervan.  Toch zijn heel wat tussendoortjes ook nuttig voor de lichaamsbeweging, ontspanning, het welbevinden van de leerlingen, als geheugentraining of het leren samenwerken.  Sommige spelletjes kunnen ook gebruikt worden ter kennismaking.











Heb je graag een printklaar exemplaar (A4, .pdf) om meteen te kunnen gebruiken, plaats gerust een reactie of mail me.



Meer tussendoortjes zijn te vinden bij Klascement of Onderwijs Maak Je Samen.



zondag 12 juni 2011

Tekeningetjes maken

ASSOCIËREN DOOR TE TEKENEN
In het artikel 'associëren kan je leren' vertelde ik al over de woordenwolkjes die wij telkens bij een thema WO maakten.  Het nieuw gestarte thema 'dieren' kreeg zo ook een geweldig woordenweb.  We verbraken zelfs ons klassikaal record in aantal woorden.  Het onderwerp spreekt natuurlijk wel erg tot de verbeelding van de kinderen.  Al gauw moest ik ze afremmen in het benoemen van alle diersoorten die ze zich maar konden voorstellen.  Met vragen als 'wat doen dieren?', 'waar vind je dieren?' en 'ken je bekende dieren?' stuurde ik hen toch nog wat andere richtingen uit.  Ik denk dat we ruim 100 woorden konden verzamelen.

Tijdens het hoekenwerk dat hierop volgde, mochten de kinderen traditiegetrouw hun mapje opfleuren met hun tekenkunsten.  Ze doen dit graag!  De kinderen fantaseren erop los en bedenken de gekste situaties waarin de dieren voorkomen.  Enkelen ontwierpen zelf een eigen diersoort, anderen vroegen dierenboeken om zo realistisch mogelijk te werken.  De associatiehoek was opnieuw een succes.  En hoewel hier vooral het denkproces in de kijker staat, mogen de resultaten best gezien worden!

VRIJ TEKENEN MET BEPERKING
Al vaker viel het me op dat kinderen heel geconcentreerd bezig zijn als je ze vrij laat tekenen.  Kinderen vinden het fijn om eens zelf hun onderwerp te kunnen kiezen.  Heel vaak gaat dit gepaard met de periode van het jaar (Sinterklaas, lente, vakantie, ...) en wordt dit 1 grote tekening waarbij het hele blad gevuld wordt.  Een leerkracht zou een leerkracht echter niet zijn als hij aan een vrije opdracht geen doelbewuste beperking oplegt.  Zo kan je hen bijvoorbeeld enkel met (variaties van) blauw laten werken.  De vrije tekening wordt beperkt door de kleur.  Kinderen zullen op zoek gaan naar zaken die voor hen blauw kunnen zijn of ze koppelen de kleur aan een gevoel dat hun tekening zal sturen.  Zo ontstaat  een volledig ander beeld en ontdekken de kinderen de mogelijkheden van beperkingen.

In de loop van het schooljaar werken onze eenaatjes regelmatig aan hun tekenvaardigheden.  Af en toe zetten we de banken in een vierkant.  Alle kinderen krijgen een blad waarop ze gedurende 3 minuten hun ding kunnen doen.  Na het signaal geven we het blad in wijzerzin door waarna het kind zaken bijtekent binnen het oorspronkelijk gekozen thema.  Hiervoor krijgen ze slechts 1 minuut de tijd.  Veel tijd om na te denken is er niet.  De kinderen worden verplicht om snel associatief te denken.  Na de minuut worden de bladen weer doorgegeven totdat die terug bij de eigenaars zijn.  Elk kind krijgt dan een blad met een zelf gekozen thema waaraan alle kinderen van de klas hebben gewerkt: verschillende stijlen, veel ideeën.  

DOEDELEN 
Als kinderen vrij willen tekenen in de klas, wil ik dat graag stimuleren.  Iedereen heeft een A5je dat gebruikt wordt als volgkaart bij het werken.  Een kaart om te telkens onder de volgende oefening te leggen.  Als de taken gemaakt zijn, mogen ze deze omdraaien om hun hersenkronkels erop neer te kladden.  Je ziet niet enkel hun tekenvaardigheid verhogen, maar ook hun creatief denkvermogen.  Ze zoeken naar datgene dat past bij hun compositie.  Sommigen tekenen erg figuratief, anderen werken eerder abstract.  Maar allemaal doen ze dit heel precies.  De beperking van tijd en ruimte wordt hen opgelegd: een A5je is niet groter dan 15cm x 21cm en hier moeten ze een hele periode mee overbruggen (totdat het schriftje uit is).  Ze worden als het ware verplicht om essentieel te denken: wat is de moeite om aan mijn doedels toe te voegen?  


Om tekenvaardigheden bij kinderen te stimuleren, zijn er tal van publicaties op de markt.  Als grote fan van Kapitein Winokio raad ik iedereen het aaiBoek aan.  Verder zijn er ook Het Grote Jongens Tekenboek en Het Grote Meisjes Tekenboek van Andrew Pinder, waarin kinderen naar hartenlust kunnen doedelen.  Laat de fantasie maar werken!
Om inspiratie te krijgen voor het maken van knappe doedels, bezorg ik de kinderen af en toe een doedelkleurplaat.  Op Patterns For Colouring vond ik er heel wat, te gebruiken in verschillende thema's.  


bronnen:

zaterdag 28 mei 2011

Associëren kan je leren


LEREN ASSOCIËREN
Vraag aan kinderen om het begrip 'angst' te tekenen en ze tekenen een spin of een spookhuis.  Als je hen een abstract onderwerp geeft, associëren kinderen dit onmiddellijk met concrete situaties of voorwerpen.  De associaties die ze maken zijn echter goed gekozen en als je hen laat doen, kunnen ze er een gans blad mee vullen.


Als je associeert, leg je een verband tussen nieuwe informatie en iets dat je al weet.  Door dat verband kan je de nieuwe info beter onthouden.  Associëren heeft zijn belang dus al bewezen binnen het leerproces.  De globale kennis en woordenschat zal erdoor verbeteren.  Kinderen die goed kunnen associëren, zullen sneller structuur vinden in de leerstof.  Hierdoor kunnen ze deze vlugger in zich opnemen.  Daarom ook dat het associëren veelvuldig wordt opgenomen in leerlijnen 'leren leren'.  Leren associëren is dus voor veel kinderen zinvol.  

Vraag aan kinderen om de lente te tekenen en ze tekenen bloemen, vogels, gras en de zon. Bij een nieuw WO thema laat ik de kinderen brainstormen over wat hen dat thema zegt.  Daarvan maken wij telkens een woordenwolk in Wordle.  Deze woordenwolk krijgt een plekje in de klas.  Ik kopieer dit ook voor alle kinderen op een A3 blad, zodat dit een mapje wordt met op het titelblad de associatiewoorden die de kinderen maakten.  Wanneer we een vers, lied, ... leren over het thema, kopieer ik dit op de achterflap.  In dit mapje krijgen de kinderen aan het einde van het thema alle werkjes m.b.t. het onderwerp mee naar huis.  Tijdens de weken waarin we hierover leren, kunnen de kinderen hun mapje nog opfleuren met tekeningetjes over het thema.  Zo wordt het associatiemapje een persoonlijke bundeling van hun leerstof.  De resultaten zijn verbluffend.  Het ene onderwerp spreekt al meer tot de verbeelding van de kinderen dan de andere, maar telkens zie ik enkele pareltjes van boekjes verschijnen.













ASSOCIËREN VISUALISEREN
André Manssen maakte enkele weken geleden een uitgebreid overzicht van woordwolkmakers op zijn blog. Na deze allemaal een keer te hebben uitgeprobeerd, moet ik besluiten dat Wordle toch de meest veelzijdige en gebruiksvriendelijke uit het rijtje is.  Op de voet gevolgd door ABC Ya! die wat kinderlijker toont, maar prachtige resultaten levert.


Naast het bedenken van trefwoorden bij een onderwerp zijn er nog veel andere mogelijkheden om woordwolken in de klas te gebruiken.  Zo kan je eenvoudig de resultaten van polls mee visualiseren of gedichten in verwerken à la Van Ostaijen.  De leerkracht kan een van een heleboel zinnen een collage maken, waarna de kinderen hiermee trachten correcte Nederlandse zinnen te maken.  Een mooie insteek voor lessen taalsystematiek.






ASSOCIËREN + VERBEELDEN
Om onderlinge verbanden te leggen tussen trefwoorden en associaties worden woordspinnen gemaakt, de zogenaamde mindmaps.  Hierbij wordt het centrale woord in het midden geschreven, waar door associatie en verbeelding een boomstructuur ontstaat.  Deze structuur wordt nog verder ondersteund door tekeningen en kleur.   Via mindmapping kunnen kinderen beter feiten en cijfers onthouden, hun verbeelding ontplooien en zich beter op toetsen en de leerstof voorbereiden.



Er bestaan een heleboel tools online om te mindmappen.  Lange tijd was Bubbl.us mijn favoriet.  Totdat ik Mindmeister ontdekte, die net iets meer mogelijkheden biedt (bijvoorbeeld afbeeldingen toevoegen, iconen kiezen, lettertype en omranding), waardoor de mindmap gestructureerder kan weergegeven worden.  Een korte zoektocht naar online mindmaptools leverde onderstaande lijst op:
* sommige zijn gratis in gebruik, andere hebben een probeerversie of zijn betalend
* hoe groter de naam, hoe interessanter (naar mijn mening)


mind42   mapmyself   dabbleboard   wisemapping   ekspenso   spicynodes   glinkr   mindomo   lovelycharts   bubbl.us   popplet   dropmind   mindmeister   simplediagrams   slatebox  gliffy   spinscape   creately   exploratree   cayra   text2mindmap




Onderstaande mindmap over deze blogpost is gemaakt met Text 2 Mindmap.  Door het invoeren van tekst die je voorziet van tabs, maakt de tool zelf zijn structuur.  De mindmap opmaken is dus niet meer nodig.  Je geeft de structuur van de mindmap in terwijl je de trefwoorden in het vak links ingeeft.  Nadeel is dan wel dat het aanpassen van de visuele structuur heel beperkt blijft.  Invoeren van afbeeldingen is niet mogelijk.





bronnen: