zaterdag 10 september 2011

Goedenavond beste ouders...

Zet onderwijzers voor een klas kinderen en ze vertellen de wonderlijkste verhalen.  Vervang die kinderen door hun ouders en menig onderwijzer spurt vooraf nog even naar het toilet om de nodige zenuwen weg te werken.  Bij mij is dat niet anders.


"Goedenavond, beste ouders.  Welkom in de klas van uw kind!"
Zo begon ik voorbije donderdagavond rond half acht mijn uiteenzetting over het leven in het eerste leerjaar.  Alle ogen op mij gericht.  Verwachtingen over deze avond en het komende schooljaar flitsen door de ogen van mama- en papalief.  Ik hoop dat de twijfel in mijn stem niet heel erg hoorbaar was.  Ik vertel dat de leerkrachten van het eerste leerjaar zich erg bewust zijn van de grote stap van kleuterschool naar lagere school.  Zowel voor de kinderen, maar ook voor de ouders.  Daarom proberen wij een gemoedelijke sfeer te creëren in de klas.  Veel dingen die de kinderen leerden in de kleuterschool nemen wij over.  Herkenbaarheid is belangrijk!


Na een beperkte inleiding over de grote stap naar de grote school, zeg ik nog gauw dat de ouders mij gerust mogen onderbreken als iets niet duidelijk is.  In de klas schaam ik me er gewoonlijk niet voor om dingen tot drie maal toe te herhalen.  Maar de aanwezige mama's en papa's zouden me, vermoed ik, toch vreemd bekijken als ik enkele keren na elkaar zeg dat we een bepaalde schrijfmethode hanteren omdat die het natuurlijke schrijfproces aanwakkert.  Toch kan het dan zijn dat, net door een bepaalde gekozen verwoording, de boodschap niet geheel duidelijk overkwam.  Moeilijk inschatten als onderwijzer voor wie de klaszaken ondertussen vanzelfsprekend lijken.


Een blik op het verloop van een klasdag, dan.  "Er gebeuren zoveel nieuwe dingen in het 1ste leerjaar, dat wij proberen dit voor ons en de kinderen zo gestructureerd mogelijk laten verlopen.  's Ochtends, nadat we ons hebben klaargemaakt, starten we onze dag in de zithoek, een ritueel dat de kinderen van de kleuterschool herkennen."  Geknik.  "We vertellen er de belangrijkste gebeurtenissen die geweest zijn of nog zullen komen.  Met vraagjes als 'Hoe was je weekend?', 'Wat ga je doen deze week? en 'Wat staat er vandaag op het programma?' hoop ik het tijdsbesef van de kinderen aan te scherpen."  Daarna volgt de uitleg van de vier kalenders die aan het gebeuren in de zithoek zijn gekoppeld.  Met een voorbereid grapje maak ik de ouders duidelijk dat het kalenderblaadje geen huiswerk of strafwerk is, als deze in de postkaft zit.  Haha!  Het verschil tussen de voormiddag- en de namiddaglessen wordt nog uitgelegd.  Een verschil dat bepaald wordt door de spanningsboog van mijn dagelijkse publiek.




Het loopt goed.  De trein is vertrokken.  Ik merk dat ik steeds minder op mijn blad kijk, maar dat mijn presentatie toch naar behoren verloopt.  Gestructureerd ook wel, daar had ik vooraf al over nagedacht.  Waarvoor maakte ik me eigenlijk zorgen, vooraf?  Ik probeer niet te snel te spreken.  In de hoop dat alles duidelijker overkomt en beter bewaard blijft.  Met een zachte toon ook.  Gemoedelijkheid... om de stap van kleuter- naar lagere school te verkleinen... ook voor de ouders!



"Voor lezen gebruiken wij de fantastische methode Veilig Leren Lezen, waarbij de kinderen op een veilige, gestructureerde en natuurlijke manier leren lezen.  We vertrekken telkens vanuit een woord binnen een bepaald thema.  Uit dit woord lichten we telkens 1 letter uit.  Waarmee geleidelijk aan weer nieuwe woorden gemaakt kunnen worden.  Hiervoor maken we enkel nog maar gebruik van drieletterwoorden.  Onze letterdino helpt ons hierbij."  Er volgt een korte demonstratie van letters die in de kop, buik of staart worden gehangen, zodat er woorden ontstaan.  Ik hoor enkele denkbeeldige ah's en jaja's.  Mijn publiek lijkt nog geboeid, dus ga ik verder met vertellen.  "Op dit moment kunnen enkel nog maar 3 woorden en 3 letters lezen: de rrrr, de mmmm en de i.  Hiermee kunnen we nog geen nieuwe woorden maken."  Rim en Mir bestaan immers niet.  Ineens besef ik dat ik vergeten ben mezelf voor te stellen.  Oeps!  daar lijkt het me nu te laat voor.  Ik had gepland om in 1 zin mijn gezin kort uit te leggen en 1 zin te besteden aan mijn Qworzócarrière die ondertussen bestaat uit 10 schooljaren.  Ik doe mijn best me hierdoor niet van de wijs te brengen: "Leren lezen is vaak oefenen," ga ik verder: "ook een goede en vlotte letterkennis is noodzakelijk.  Dit oefenen de kinderen door die dikwijls te herhalen."


 Na het leesproces zo duidelijk mogelijk te maken, volgt een blok over schrijven.  We oefenen even onze pengreep met de potloden die klaar liggen.  Ik ben ondertussen voor de eerste keer eens van mijn stoel gewipt om materialen te halen en te demonstreren.  Ik voel me best lekker in mijn vel.  Het lijkt me tóch te liggen, zo'n klas vol ouders.  Ik ben de stilte en rust die ik nu hoor en voel niet gewoon in deze ruimte.  Normaal gesproken wordt hier hard gewerkt, gespeeld, verteld, samengewerkt en gedacht.






Ik licht regelmatig tijdens mijn uiteenzetting toe dat vijf- en zesjarigen 'echte hier-en-nu-mensjes' zijn.  Om bepaalde keuzes en werkingen te bekrachtigen.  Alles wat hier en nu gebeurt, is van belang.  We passen onze thema's ook aan aan de periodes van het jaar.  Daarom maak ik de kinderen in de klas herhaaldelijk bewust van de tijd en ruimte.  Wiskunde en WO passeren de revue.  Met enkele voorbeelden van lessen hoop ik de ouders meer inzicht te geven in mijn lesinhoud.  Het stelt hen duidelijk gerust dat veel lessen in het eerste leerjaar voornamelijk doelessen zijn.  Door ondervinden en ontdekken leren jonge kinderen immers enorm veel.  We maken hier dan ook graag gebruik van.  We stappen de natuur in voor een les over het bos, bekijken mama paard met haar veulen als we het over jonge dieren hebben en we zullen bijvoorbeeld onze fiets poetsen als les techniek.  Bij dit laatste voorbeeld zie ik enkele papa's instemmend knikken en hoor ze bijna denken dat "hunne koersfiets in goei handen zal zijn".


Ik haal de vakken muzische vorming, lichamelijke opvoeding en levensbeschouwing nog boven.  Blijf nog voldoende stilstaan bij ICT en vreemde taleninitiatie Frans (wat nieuw is op school).  Om daarna het huiswerk, de agenda en het rapport toe te lichten.


Voor ik het besef, zijn er twee volle uren om.  Ik ben de klok volledig uit het oog verloren.  Ik had een geboeid publiek.  Aan het begin misschien wat onwennig: "Wat gaan we hier allemaal te horen krijgen?" Maar op den duur meer interactief.  Het leek me alsof we samen ontdekten wat er ons in het eerste leerjaar allemaal te wachten staat.  Een ontdekking die zowel mij als de ouders wel leek te liggen.  Na de enkele vragen te hebben beantwoord, was het tijd voor koffie!  De klas loopt leeg.  Ouders lossen hun babysit af of blijven nog wat nakaarten in de refter met een kopje thee of koffie.  Ik stel mezelf de vraag of het allemaal wel duidelijk was.  Het duurde lang en was misschien wel veel, te veel, info.  Ouders verdwijnen uit de klas met een gevoel.  Welk gevoel zou dat zijn?  Ik hoop hen te hebben meegegeven dat ik er ben voor hun kinderen én voor hen.  Ik hoop ook dat ik mijn passie voor onderwijs duidelijk heb kunnen maken.  Dat ze weten dat hun kinderen op school in goede handen zijn.  Ik heb met geen woord over het belang van welbevinden van de kinderen gesproken.  Toch denk ik dat die boodschap duidelijk was.  Want dat is waar ik in de eerste plaats aan wil werken!  Kinderen die zich goed voelen in hun vel, in hun klas, op school... zijn toe aan leren.


Ik rijd met een fijn gevoel naar huis en neem me voor om volgend jaar net voor het klasmoment niet opnieuw naar het toilet te hollen.






woensdag 31 augustus 2011

Klaar voor de start?!

31 augustus, een magische datum voor de Vlaamse leraren.  Het oudjaar voor een nieuw schooljaar.


De voorbije dagen, weken zijn de Vlaamse leerkrachten weer druk aan het werk geweest.  De lokalen moesten immers klaargemaakt worden om een nieuwe bende kinderen te kunnen ontvangen.  Na een lange vakantie vol ontspanning, plezier, gezinsuitstappen, ... van wel 9 weken, worden de laatste uren afgeteld tot het nieuwe begin.  De klaslijsten zijn bekend, de naamkaartjes desnoods gemaakt.  De boeken liggen klaar en de etiketten gedrukt.


De voorbije maanden/weken/dagen hebben we echter niet stilgezeten!  Leerkrachten hebben een ingebouwde radar voor nuttige, eventueel te gebruiken, ideeën voor in de klas.  Een bezoekje aan de Efteling doet je misschien denken over de aanpak van het thema sprookjes.  Bij Carnavalfestival aldaar doe je inspiratie op voor een activiteit met schimmenspel.  De ingewikkelde achtbanen doen denken aan de lessen techniek die misschien nog bijgeschaafd kunnen worden.  Overal waar je komt, wat je meemaakt tijdens vrije dagen kan inspiratie opleveren voor het verbeteren of aanpassen van lessen en activiteiten.  Zoiets verloopt natuurlijk.  Soms moeten we ons er zelfs toe dwingen om eventjes eens níet aan school te denken.  Al is dat vaak toch onmogelijk, gezien de omgeving die er ons regelmatig aan herinnert.


Dat begint al bij de aanvang van de vakantie:


  • "Goh, wat ga je toch moeten doen in die lange tijd?", 
  • "Die mannen van 't onderwijs staan er weer goed op!" 
Dit zijn maar enkele zinnen die ik vaak te horen kreeg begin juni.
Naar verloop van tijd wordt dat dan:


  • "De vakantie nog niet moe?"
  • "Mis je de kinderen/klas/school niet te veel?". 
Begin augustus laten de rekenwonders dan weer weten dat de vakantie toch al in de helft is.  Stilaan beginnen de eerste 'Terug naar school'-reclamefolders zich te laten zien.  Het plaatselijke kopieerwinkeltje hangt de spandoeken al buiten, online shops prijzen hun boekentassen, pennenzakken en meer schoolsupplies aan aan (enorme) kortingen.  We kunnen er gewoon niet rond.  Op 15 augustus is het dan zover, voor mij.  Ik mag (van mezelf) officieel aan het nieuwe schooljaar beginnen denken.  Mensen rondom me zijn zich hiervan duidelijk al bewust en herinneren me eraan dat het toch niet meer zo lang duurt voor het 1 september is.


Ik waagde mezelf dus maar aan een eerste stapje in mijn lokaal.  De eerste stap van het nieuwe schooljaar.  Een schooljaar vol met nieuwe gezichten, aanpassingen/verbeteringen aan lessen en activiteiten en vol met goesting!  Klaarzetten van de bankjes, op orde maken van de kasten, de wandelwegen van de leerlingen bekijken, prikborden aankleden, computers aansluiten en uittesten, ... .  En niet te vergeten: de small talk met de collega's.  De mensen die het onderwijs zo enorm boeiend kunnen maken voor jezelf, waarvan je veel opsteekt, die je complimenteren en kunnen troosten...  We hebben ze zo lang moeten missen.  Hoe was hun vakantie?  "Zijn de kindjes al gegroeid?"  "Amai, gij zijt bruin!".  Geweldig weerzien.


Mijn agenda voor de eerste dagen is bijna klaar.  Ik ga, net als andere jaren, de kinderen laten wennen aan de lagere school en de aanpak in het 1ste leerjaar.  Laat ze nog maar eventjes kleuter zijn.  De stap is groot genoeg.  Leren zullen we zeker al wel doen, speels, op het tempo van de kinderen.  We maken de overgang geleidelijk.  De eerste dagen zullen we ook nog spelen: buiten in de zandbak, aan de glijbaan of binnen met de blokken, auto's, poppen, kaarten en nog meer.  Stilaan zullen de ouders en hun meester hen zien groeien naar echte kinderen van de lagere school.  Kinderen die kunnen lezen, rekenen en schrijven.  En daar trots op kunnen zijn.  Het is mooi om zien dat ze op een korte tijd zoveel bijleren.  Je ziet ze groot worden.  Een mooi proces!


Ik ben benieuwd wat dit schooljaar brengt.  Ik ben er klaar voor! Ik heb er zin in!
Vanaf mijn officiële ik-mag-aan-school-beginnen-dag ging ik doelgericht op zoek naar tips en ideeën om het schooljaar te starten.  Hierbij merkte ik een mooie yurls op, met tips voor afspraken, klasinrichting en enkele filmpjes van Leraar24.  Meester Michel heeft op zijn website enkele checklists om het nieuwe schooljaar te kunnen starten en tips voor de eerste schooldag.  Juf Janneke informeert de kleuterjuffen met haar project 'We gaan naar school' met allerlei leuke activiteiten en downloads.  Op Baswereld vind je praatplaten over de klas (nummer 22) en de speelplaats (nummer 31) voor op het digibord.  Tenslotte geeft de lijstjeswebsite 12 Most twaalf handige tips om het schooljaar goed te kunnen starten.










* Uiteraard wil ik dit alles niet veralgemenen.  Al zou het me wel een aangenaam gevoel bezorgen dat er nog meer leerkrachten er zo over denken.  Zo kan ik ook mijn naasten ervan overtuigen dat dit een onderdeel van de job is. :-)

zondag 28 augustus 2011

De kracht van games

DE KRACHT VAN ANGRY BIRDS
Ik ontdekte Angry Birds midden in de hype.  Het ging wat traag op mijn smartphone.  Wat was ik blij dat Google ervoor koos om dit populaire spelletje ook via Chrome beschikbaar te maken!  Enkele levels later bedacht ik systeempjes en bestudeerde ik de richting en de werphoeken van de boze vogeltjes.  Het spel deed iets met me.  Door al zijn eenvoud wakkerde het mijn interesse in (on)stabiliteit aan.  Het spelen deed me onrechtstreeks denken aan die enkele keren dat ik onhandig gewapend met breekijzer, zware hamer of zelfs drilboor muren, vloeren en meer mocht vernielen.  Het kapotmaken van dingen heeft iets aantrekkelijks voor de mens.  Denk aan kinderen die op het strand niets liever doen dan hun zelfgebouwde zandtorens of -kastelen weer stuk maken.  Zo ook bij de constructies van Angry Birds.  Al wordt hier wel verwacht dat je het bouwwerk op de juiste plek raakt om de rivalen te vernietigen.  Een minieme kennis van constructies kan dus zeker helpen.


ANGRY BIRDS vs. TECHNIEKONDERWIJS
Door mijn interesse voor techniek aan te wakkeren begon ik de dingen rondom mij op een andere manier te bekijken.  Hoe zit dat in elkaar?  Waarvan is dat gemaakt?  Maar vooral: wat kan ik ermee in de klas?  Het bekijken van een stoel bijvoorbeeld deed me nadenken over het aantal poten en de vorm ervan.  Kinderen een miniatuurstoel laten ontwerpen kan een perfecte techniekles zijn: met satéprikkers, karton, houten latjes of gewoon papier een stoel maken voor hun knuffel.  Zo ook met Angry Birds.  Wat kan ik ermee in de klas?  Dat het een deeltje van techniek bevat, is hierboven al bevestigd.  Toch lijkt me het doelloos spelen van het spel niet voor binnen de schoolmuren.  Het spel moet geduid worden.  Kinderen weten graag waarom ze net díe zaken voorgeschoteld krijgen in de klas.  Het is dan ook aan ons om zulk een spel in een groter geheel te kaderen.  Wat kan je later doen met wat je nu leert?  Wat is het doel van deze les.  Een transparante houding van de leerkracht zorgt voor open communicatie en voor meer leerlingbetrokkenheid.








Na een inleiding over de werkwijze en doel van Angry Birds door een filmpje, laat je de kinderen zelf hun Angry Bird(s) maken door vouwbladen aan te bieden.  Deze kan je hier downloaden.  Met karton, keukenrollen en wc-rollen maken ze hun eigen constructies waarnaar ze met zelfgemaakte katapult hun boze vogels toewerpen.  Succes gegarandeerd!  En hebben ze hierbij ook iets geleerd?  Natuurlijk!  In de leerplannen techniek is sprake van de 3 dimensies en 4 componenten van techniek (zie afbeelding onder).  Dit spel situeert zich binnen de dimensies begrijpen en hanteren, bij de componenten technisch systeem en technische keuzes.




GAMES vs. TECHNIEKONDERWIJS
Niet alleen constructiegames als Angry Birds kunnen nuttig zijn in het techniekonderwijs.  Tussen de vele games op spelletjeswebsites vind je vaak pareltjes om in de klas te kunnen gebruiken.  Naast de (technische) inhoud van sommige games hebben gamen en techniek nog andere raakvlakken.  Kinderen zijn actief, geconcentreerd en gemotiveerd bezig met het oplossen van uitdagende problemen.  Ze worden geacht deze problemen gestructureerd aan te pakken, waarbij het denkproces een belangrijke rol speelt.  Techniek en ICT hebben elkaar dus duidelijk gevonden.


Aan het begin van de vakantie begon mijn zoektocht naar passende games binnen het domein techniek: games die qua inhoud aansluiten bij de inhoud van technieklessen.   Een grote verscheidenheid viel me hierbij op.  Elke technische sector komt hierbij aan bod, alsook elke cel van de technische matrix uit de eindtermen (zie boven).  Alle bruikbare games werden bijeengebracht in de publicatie "Techniek op het menu: games en tools voor het basisonderwijs".  Ik heb hierbij geprobeerd om in de chaos van de techniekwebsites, -games en       -toepassingen orde te scheppen.  Op een verzamelsite vind je onder de verschillende tabbladen en rijen een overzicht van games, tools, lesideeën en filmpjes voor telkens de onder-, midden– en bovenbouw van het lager onderwijs.  In het boek krijg je telkens van alle games en tools een korte beschrijving hoe het spel gespeeld wordt en in welke technieksector en rubriek deze gecategoriseerd worden.  Het aantal niveaus of levels geeft weer in welke mate het spel opbouwend werkt.  Het kan ook een idee geven van de tijdsduur van het spel.  De bediening van het spel voegde ik eraan toe om een beeld te geven welke games eenvoudig op het digibord kunnen worden gespeeld.


Interesse in de publicatie?  Een mailtje volstaat.  Je kan 'm ook downloaden door te 'betalen met een tweet' op de home van deze blog.


DE KRACHT VAN GAMES IN DE KLAS
Games en het onderwijs: een zinvolle combinatie!  Ook Vlaams minister van onderwijs Pascal Smet is het hiermee eens.  In zijn gesprekken met leerlingen en studenten schrok hij ervan hoe vaak hij hoorde dat ze het saai vinden op school, waardoor hun betrokkenheid verlaagt.  Het kan natuurlijk niet de bedoeling zijn dat zelfs leerlingen van de lagere school hun enthousiasme verliezen tijdens hun nog jonge schoolloopbaan.  Want kinderen zijn van nature nieuwsgierig en willen net nieuwe dingen ontdekken. Minister Smet raadt de scholen aan om de leefwereld van de kinderen,  een omgeving vol prikkels van internet, games en televisie, ook in de school te volgen.  Het lijkt hem een goed idee om games te introduceren in het onderwijs, al hoeft hier niet in overdreven te worden.  Games in het onderwijs kunnen voor de nodige variatie zorgen, om de betrokkenheid
van kinderen te verhogen en hen inhouden te laten beleven.


Gamen in de klas zal niet enkel zorgen voor een aanvulling en beleving van de leerstof. Het maakt kinderen ook ict-vaardiger.  Hoe gebruik ik een computer, toetsenbord en muis?  Het biedt kansen aan de leerlingen om problemen coöperatief aan te pakken.  Het is dan ook wenselijk om kinderen meestal per twee aan het gamen te zetten.  Ze leren van de game en van elkaar.  Daarenboven zullen slechts weinig klassen of scholen uitgerust zijn met een computer per kind.  Ook organisatorisch gezien een pluspunt.


SERIOUS GAMES
Naast de hele hoop ontspannende games waarin de leerkracht zelf zijn weg moet zoeken om een bruikbaar spel te vinden binnen de doelen van de les, worden tegenwoordig steeds vaker serious games uitgewerkt.  Zulke games worden ontwikkeld met inzicht in educatie.  Les- en themadoelen worden bewust ingebouwd in het spel zodat er tijdens het spelen een leerproces ontstaat.  Kinderen krijgen hierdoor inzichten in het onderwerp van de serious game.  Geschiedenisdocent Jelmer Evers verzamelde allerlei games die interessant kunnen zijn voor het onderwijs in een Diigo-groep.  Verder vind je op het web een wikibook over serious games.  Interessante lectuur!

zaterdag 18 juni 2011

Onderwijsjeslijstjes (deel 1)

Ik kocht een boek, een lijstjesboek.  Getiteld: List|O|Mania, een oplijsting van meer dan 30 jaar pop- en rockgeschiedenis.  Geschreven (samengesteld) door Stijn Van de Voorde (die van Studio Brussel).  Het sprak me meteen aan: het gaat over muziek!  Geschreven door iemand die er iets over weet!  Bovendien voorzien van een enorme hoeveelheid inspirerende doedels door Emma Thyssen.


Al bij het lezen van de proloog voelde ik de uitdaging om aan onderwijslijstjes te gaan werken.  Ik neem me voor dat er veel te weinig lijstjes bestaan in functie van het onderwijs.  Ok, er bestaan de zogenaamde 23 onderwijsdingen en de 23 onderwijsdingen voor het primair onderwijs.  Maar dat zijn naast lijstjes toch eerder handleidingen om leerkrachten mediawijzer te maken.  Verder heeft Klasse ook heel wat stappenplannen in de vorm gegoten van lijstjes onder de noemer 'De Eerste Lijn'.  Maar een echte verzameling van onderwijslijsten met tal van trivia, nuttige onderwijsdingen en bruikbare inhoud ben ik nog niet tegengekomen tijdens mijn webronddwalingen*.  Eigenlijk zijn dit gewoon maar uitvluchten, natuurlijk.  Het is dus ook geweldig leuk om lijstjes samen te stellen.  Het doet me denken aan High Fidelity.  Met voorsprong mijn favoriete boek, film en soundtrack.  Over muziek! En lijstjes...


Bon, lijstjes over het onderwijs, dus.  Ik heb hopen ideeën voor lijstjes  die stilaan ook al een invulling krijgen.  Het zal niet bij deze ene 'onderwijsjeslijstjes' blijven.  Vandaar 'deel 1' achter de titel.   Hoeveel het er precies worden, kan niemand zeggen.  We zien wel.  Veel plezier met het bestuderen ervan!


Hierbij mijn introlijstje.  De trouwe over-onderwijs-lezer heeft uiteraard al opgemerkt dat dit mijn 2de lijstje betreft.  In het vorige artikel over de laatste schooldagen maakte ik ook al een lijstje publiek: "waarom onderwijzers vakantie hebben".  En of dit aansprak... zie reacties op Facebook.


* Na het herlezen van bovenstaande wil ik toch nog melden dat ik een geweldige fan ben van de "# ways to use ... in the classroom" waarbij # staat voor een hoeveelheid en ... voor een fijne ict-tool.  Twitter, Wallwisher, Wordle, Technology, QR-codes, Social Media e.v.a. passeerden al de revue.  

De laatste loodjes...

De maand juni.  Het moment waar bij menig leerkracht uit het Vlaamse landschap de spanning begint te stijgen.  De vakantieplannen zijn ondertussen al gemaakt, maar de focus op leerstof, leerlingen en administratie neemt in stijgende lijn toe.  Sommigen onder ons zullen de dagen aftellen tot het zover is: 30 juni!  Dromen van de boekentas in een hoekje te gooien en languit in de terrasstoel met boek en een drankje.  Toch denk ik dat de meeste onderwijzers deze dagen anders besteden en zich niet enkel beperken tot de tijdsmeting der laatste schooldagen.


Al zijn we er ons volledig van bewust hoeveel tijd we nog hebben om alles af te sluiten wat we het voorbije schooljaar hebben opgebouwd.  De rapporten moeten op tijd klaar zijn om meegegeven te worden.  Daar zijn de gevreesde toetsen noodzakelijk voor.  Zonder toets geen evaluatie.  Deze toetsen inplannen betekent voor leerkrachten een extra inspanning.  Uiteraard moet alle leerstof gezien zijn voor de toets kan worden gemaakt.  Heel graag onderwerpen we onze leerlingen nog aan een leerzame herhaling.  Om dan uit te komen bij de uiteindelijke toets.  Ik hoorde ooit een collega vertellen dat dit de minst aangename lesuren waren van de hele schoolcarrière.  Terwijl van een leerkracht verwacht wordt zijn hele klas te helpen, die daarvoor ook volop in beweging is, is dit bij de toetsen net omgekeerd.  Stil neergezeten de klas observerend, wordt de toets afgenomen.  Daarboven moeten we onze neiging om kinderen uit problemen te helpen met de leerstof volledig achter ons laten.  Ik begrijp collega L. daar volkomen in.  Maar toch zijn zo o zo waardevol, die toetsen!  Om er nadien mee verder aan de slag te gaan.  Om de collega's van het volgend jaar de juiste informatie te kunnen meegeven.  En natuurlijk om de ouders en het volledige netwerk van de leerlingen zinvol te informeren over de leerprestaties van hun kind.



Bon, toetsen gemaakt... toetsen verbeteren... punten bekijken en ingeven... foutenanalyse maken... toetsen ter ondertekening meegeven... toetsen bespreken... toetsen op veilige plek bewaren... rapport opstellen... rapport voorzien van de nodige commentaren.  En dat allemaal liefst nog met de glimlach.


Onze eindspurt naar 30 juni bestaat echter uit meer dan alleen toetsen en rapporten maken.  Leerlingendossiers bijhouden, oudercontacten doen, nieuwe klasgroepen maken, bedankwerkjes maken voor leesmoeders, opvangmoeders en alle kostbare vrijwilligers op school.  Het zorgt allemaal mee voor de 'midden-juni-spanning'.


Voor mij werkt het om een lijstje te maken.  Een waarop ik alle taken die ik nog moet volbrengen voor 30 juni in het kort oplijst.  De lijst telt een twintigtal extra taken, momenteel.  Waarvan er ondertussen al enkele zijn doorstreept, wat zeer motiverend werkt.  De metaforische muur is niet ver meer af.  Om die te beklimmen zijn nog wat hindernissen te overbruggen.  Samen met mijn Post-it lijstje zal het me ook nu weer lukken om de andere kant van de muur te bereiken en me volledig over te geven aan de vakantiemodus.  Maar ook dan, tijdens juli en augustus, blijft mijn taak als onderwijzer door mijn hoofd spoken.  Minder gedwongen.  Mezelf klaarmakend voor een nieuw begin met een nieuwe bende in opnieuw ingericht klaslokaal.


Aan alle leerkrachten: veel plezier deze laatste dagen!  Op naar de andere kant van de muur!


vrijdag 17 juni 2011

Tussendoortjes

Ik herinner me nog goed het allereerste lesje dat ik ooit in mijn hele leven gaf.  Als achttienjarige, net in het 1ste jaar lerarenopleiding, mocht (moest) ik stage lopen bij meester W. in Turnhout.  Nog niet volledig overtuigd van de juiste studiekeuze volgde ik eerst enkele lessen die hij aan zijn klas 3B gaf.  Meester W., niet meteen het toonbeeld der moderne onderwijzer, gaf me niet echt dat veilige gevoel dat een beetje onwennige stagiair nodig heeft.  Ondertussen is hij al bijna 10 jaar onderwijzer-op-rust, welverdiend vermoedelijk.




Het onderwerp dat ik opgegeven kreeg, sprak me niet tot de verbeelding: negatieve getallen.  Erg zenuwachtig, met mijn armen geen blijf wetend, gaf ik de les die ik op papier gezet had.  Volledig uit het hoofd geleerd.  Vlak voor een klas leerhongerige achtjarigen met daarachter meester W. en mijn docente wiskunde.  Beide toepassingen met negatieve getallen, die ik kende, passeerden de revue: het nemen van de lift en de thermometer in de winter.  Ik kwam niet verder dan doceren, instructie en klassikaal oefenen.  Niet verwonderlijk dat mijn les een vol kwartier eerder klaar was dan de voorziene tijd.  Ik rammelde het af alsof het een sneltrein was.  Of de kinderen er iets van begrepen hadden?  Ik had geen idee.  Ik had mijn les gegeven.  En toen... niks meer!  De docente heeft me uit die benarde situatie gered door de kinderen en de leerstof haar volle aandacht te geven.


Op dát moment (ik keek met opengesperde ogen naar haar interactie met de kinderen) wist ik: dit wil ik ook!  Ik nam me voor om nooit nog momenten van verveling te zaaien.  Ik nam me voor om er te staan voor de klas.  Hen te boeien, hun leergierigheid aan te wakkeren en hen rijke leerstof aan te bieden.  En als, áls ik dan nog een moment zou hebben waarop ik niet precies weet welke richting het uit moet, dan nog zou ik iets betekenen in de klas.  Ik ging op zoek naar korte activiteiten die ik in de klas zou kunnen doen tijdens momentjes tussen twee lessen door.  Als afleiding van de werkdag, om de concentratie terug op peil te kunnen brengen, om de kinderen te doen ontspannen.  Maar natuurlijk ook gewoon omdat het leuk is!


Stilaan breidde mijn verzameling tussendoortjes uit tot een massa die onmogelijk nog zo maar uit de mouw geschud kon worden.  Wat duidelijk wél de bedoeling is van een tussendoortje.  Ik maakte fiches met daarop tekst en uitleg van de korte activiteiten die ik lamineerde en in een vrolijk valiesje stak.  Een valiesje dat altijd in de buurt staat en dus zo maar te pakken valt.  Dat valiesje is ondertussen mijn survivalkit geworden voor korte momentjes.  Er zitten tegenwoordig niet alleen de kleurrijke fiches in.  Ook de weinig nodige spulletjes voor de tussendoortjes kunnen erbij: elastiekjes, een wc-rolletje, luciferdoosje een stukje touw, een blinddoek en een muntstuk.


De meeste tussendoortjes in het boekje hieronder zijn bedoeld voor kinderen van de lagere school.  De aandacht gaat hier voornamelijk naar het plezier ervan.  Toch zijn heel wat tussendoortjes ook nuttig voor de lichaamsbeweging, ontspanning, het welbevinden van de leerlingen, als geheugentraining of het leren samenwerken.  Sommige spelletjes kunnen ook gebruikt worden ter kennismaking.











Heb je graag een printklaar exemplaar (A4, .pdf) om meteen te kunnen gebruiken, plaats gerust een reactie of mail me.



Meer tussendoortjes zijn te vinden bij Klascement of Onderwijs Maak Je Samen.



zondag 12 juni 2011

Tekeningetjes maken

ASSOCIËREN DOOR TE TEKENEN
In het artikel 'associëren kan je leren' vertelde ik al over de woordenwolkjes die wij telkens bij een thema WO maakten.  Het nieuw gestarte thema 'dieren' kreeg zo ook een geweldig woordenweb.  We verbraken zelfs ons klassikaal record in aantal woorden.  Het onderwerp spreekt natuurlijk wel erg tot de verbeelding van de kinderen.  Al gauw moest ik ze afremmen in het benoemen van alle diersoorten die ze zich maar konden voorstellen.  Met vragen als 'wat doen dieren?', 'waar vind je dieren?' en 'ken je bekende dieren?' stuurde ik hen toch nog wat andere richtingen uit.  Ik denk dat we ruim 100 woorden konden verzamelen.

Tijdens het hoekenwerk dat hierop volgde, mochten de kinderen traditiegetrouw hun mapje opfleuren met hun tekenkunsten.  Ze doen dit graag!  De kinderen fantaseren erop los en bedenken de gekste situaties waarin de dieren voorkomen.  Enkelen ontwierpen zelf een eigen diersoort, anderen vroegen dierenboeken om zo realistisch mogelijk te werken.  De associatiehoek was opnieuw een succes.  En hoewel hier vooral het denkproces in de kijker staat, mogen de resultaten best gezien worden!

VRIJ TEKENEN MET BEPERKING
Al vaker viel het me op dat kinderen heel geconcentreerd bezig zijn als je ze vrij laat tekenen.  Kinderen vinden het fijn om eens zelf hun onderwerp te kunnen kiezen.  Heel vaak gaat dit gepaard met de periode van het jaar (Sinterklaas, lente, vakantie, ...) en wordt dit 1 grote tekening waarbij het hele blad gevuld wordt.  Een leerkracht zou een leerkracht echter niet zijn als hij aan een vrije opdracht geen doelbewuste beperking oplegt.  Zo kan je hen bijvoorbeeld enkel met (variaties van) blauw laten werken.  De vrije tekening wordt beperkt door de kleur.  Kinderen zullen op zoek gaan naar zaken die voor hen blauw kunnen zijn of ze koppelen de kleur aan een gevoel dat hun tekening zal sturen.  Zo ontstaat  een volledig ander beeld en ontdekken de kinderen de mogelijkheden van beperkingen.

In de loop van het schooljaar werken onze eenaatjes regelmatig aan hun tekenvaardigheden.  Af en toe zetten we de banken in een vierkant.  Alle kinderen krijgen een blad waarop ze gedurende 3 minuten hun ding kunnen doen.  Na het signaal geven we het blad in wijzerzin door waarna het kind zaken bijtekent binnen het oorspronkelijk gekozen thema.  Hiervoor krijgen ze slechts 1 minuut de tijd.  Veel tijd om na te denken is er niet.  De kinderen worden verplicht om snel associatief te denken.  Na de minuut worden de bladen weer doorgegeven totdat die terug bij de eigenaars zijn.  Elk kind krijgt dan een blad met een zelf gekozen thema waaraan alle kinderen van de klas hebben gewerkt: verschillende stijlen, veel ideeën.  

DOEDELEN 
Als kinderen vrij willen tekenen in de klas, wil ik dat graag stimuleren.  Iedereen heeft een A5je dat gebruikt wordt als volgkaart bij het werken.  Een kaart om te telkens onder de volgende oefening te leggen.  Als de taken gemaakt zijn, mogen ze deze omdraaien om hun hersenkronkels erop neer te kladden.  Je ziet niet enkel hun tekenvaardigheid verhogen, maar ook hun creatief denkvermogen.  Ze zoeken naar datgene dat past bij hun compositie.  Sommigen tekenen erg figuratief, anderen werken eerder abstract.  Maar allemaal doen ze dit heel precies.  De beperking van tijd en ruimte wordt hen opgelegd: een A5je is niet groter dan 15cm x 21cm en hier moeten ze een hele periode mee overbruggen (totdat het schriftje uit is).  Ze worden als het ware verplicht om essentieel te denken: wat is de moeite om aan mijn doedels toe te voegen?  


Om tekenvaardigheden bij kinderen te stimuleren, zijn er tal van publicaties op de markt.  Als grote fan van Kapitein Winokio raad ik iedereen het aaiBoek aan.  Verder zijn er ook Het Grote Jongens Tekenboek en Het Grote Meisjes Tekenboek van Andrew Pinder, waarin kinderen naar hartenlust kunnen doedelen.  Laat de fantasie maar werken!
Om inspiratie te krijgen voor het maken van knappe doedels, bezorg ik de kinderen af en toe een doedelkleurplaat.  Op Patterns For Colouring vond ik er heel wat, te gebruiken in verschillende thema's.  


bronnen: