maandag 23 mei 2011

Pluimpjes en duimpjes

IK HEB VANDAAG 348 KEER "GOED ZO" GEZEGD...
Nee, ik houd me niet bezig met dat te tellen, maar het staat vast dat wij onderwijzers onze kinderen dagelijks degelijk complimenteren.  
  • Een fout gelezen woord zelf verbeterd?  "Goed zo!"  
  • Zelf de veters gestrikt? "Dat kan jij goed"  
  • Iemand verder geholpen? "Doe zo voort!"
  • Een oefening op bord foutloos gemaakt?  "Knap gedaan!"  
  • De boekentassen netjes gezet? "Geweldig dat jij dat gedaan hebt"
  • ...
Vaak staan we er niet bij stil dat we zo gul zijn in onze positieve benadering naar kinderen.  De zinnetjes floepen er als het ware zomaar uit.  En maar goed ook.  Kinderen genieten ervan te horen dat ze goed bezig zijn.  


Die kleine aanmoedigingen maken het leren voor je leerlingen nog waardevoller.  Appreciatie krijgen voor wat ze doen, zorgt ervoor dat ze zich nog meer zullen inspannen waardoor de resultaten ook hoger zullen liggen.  Deze pluimpjes zorgen voor een positief leerklimaat, een omgeving die gezonde energie geeft aan de kinderen en de omgeving waarin ze leren.  Kinderen die gemotiveerd worden, beleven sneller hun succesmoment en staan positiever in het leven.  


COMPLIMENTEN GEVEN > "GOED ZO"
Naast wat je zegt is ook hoe je dat doet van belang.  Lichaamstaal en gezichtsuitdrukkingen zeggen vaak meer dan woorden.  Een duim in de lucht, een knipoog, een schouderklop.  Het geeft die woorden enkel maar meer kracht.  


Het kan nuttig zijn om vooraf te bedenken waarover je complimenten geeft aan welk kind in je klas.  Dat blijkt ook uit een lopend onderzoek van de Universiteit Utrecht.  Zij bekijken momenteel de manier waarop ouders, leerkrachten en hulpverleners complimenten geven aan kinderen.  Ze hopen hiervoor trouwens zoveel mogelijk mensen te kunnen bereiken met deze online enquête.  Je kan kinderen complimenteren over hun gedrag (wat doen ze goed?), over hun kennis (wat weten ze?), over hun vaardigheden (wat kunnen ze goed?), over inzet en moed, over nieuwe kleren, kapsel.  




HOE DOE JE DAT?
1.  Benoem wat het kind doet. Bijvoorbeeld:
‘Ik vind het heel fijn dat je flink aan het werk bent.’
‘Je bent bijna klaar met je taak. Knap van jou!’

2.  Geef een compliment meteen. Bijvoorbeeld: 
‘Wat knap dat je mooi in de rij staat.’ 
Het kind voelt zich gezien en gehoord. Bovendien krijgt hij of zij meteen duidelijkheid. 

3.  Beschrijf helder wat het kind goed doet en welk effect dat op jou heeft.‘Wat fijn dat je zo rustig aan het werk bent (gedrag van je kind), ik kan nu rustig verder met dit groepje kinderen (effect op jou).’



EN NU DE KINDEREN!
Jonge kinderen zijn niet vaak geneigd uit zichzelf pluimpjes en duimpjes te strooien.  Ze beseffen wel wat anderen goed doen of kunnen, maar zien niet meteen resultaat in het benoemen ervan.  Je kan hen echter wel aanleren hoe het moet en wat je ermee kan bereiken.  Ik werkte in de klas aan deze sociale competenties met een zakje echte pluimen.  De kinderen mochten er allen 1 uithalen en zichzelf ermee strelen aan hun wang of hand.  Pluimpjes voelen zacht aan, het is zelfs een prettig gevoel!  De kinderen gaven hun pluimpje door zodat iedereen een ander pluimpje had en voelden opnieuw.  Pluimpjes krijgen is leuk!  We bundelden al onze pluimpjes in een doorzichtig zakje dat zichtbaar in de klas hangt.  Hoe kunnen we nu pluimpjes geven?  Uit het zakje halen en doorgeven?  Nee, dan geraakt het zakje leeg.  Hoe kunnen we iemand een leuk gevoel bezorgen?  Door iets moois over hem/haar te zeggen!  Dat gaan we doen!  We bespraken wat mooie dingen zijn en bedachten voor iedereen iets anders.


Een volgende les kregen de kinderen allemaal een blad met hun foto in het midden op.  Dit werd doorgegeven door de hele klas.  De andere kinderen mogen hier iets opschrijven wat ze fijn vinden aan het kind van de foto.  Of wat die goed kan.  Of waarom zij zulke goeie vrienden zijn.  Heel fijne resultaten.


De postbus werd geïntroduceerd.  Vooraan in de klas staat-ie nu te blinken met een mandje met kladpapiertjes ernaast.  Elk vrij moment kunnen kinderen hier briefjes uit halen een naar elkaar schrijven, waarna ze dit in de postbus droppen.  Aan het einde van de week worden de briefjes voorgelezen en uitgedeeld.  Een efficiënte manier om pluimpjes en duimpjes te leren geven.  Bovendien leren onze eersteklassers er nog functioneel door schrijven ook.  Ik krijg vaak de vraag hoe je een bepaald woordje schrijft en schrijf dit gauw op een plakbriefje.  Het is wonderlijk te lezen wat de kinderen naar elkaar schrijven.  Alle kinderen van de klas hebben momenteel al briefjes gekregen.  Zelfs hun meester heeft er al enkele mogen ontvangen.  Het zorgt voor dat positieve leerklimaat, een omgeving waarin je graag gezien wordt.






Voor jonge kinderen, werkte Kwintessens dit lessenpakket uit.  Ik maakte er een flipboekje van:


Van af en toe een pluimpje
krijg je hele sterke vleugels!
Schouderklopjes of een duimpje
maken ‘t leuk voor groot en klein.
Spelen is delen, je pluimpjes met velen.
Veertjes voor keertjes
dat mensen fantastisch zijn.






Wist je dat het jaarlijks op 1 maart in België en Nederland de Nationale Complimentendag is?  Een geweldig initiatief met maar 1 minpuntje: het is slechts 1 dag op een jaar.  
Ik denk dat wij onderwijzers hier gemakkelijk 365 Nationale Complimentendagen van kunnen maken.  



Een klein woordje kan vaak zoveel verschil maken!







bronnen: 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen