dinsdag 27 augustus 2013

Waar staan we dan?

Het leek een doodgewone vraag.  Zo één die je wel vaker krijgt.  Tot ik er wat dieper over ging nadenken.  Tijdens onze ICT-babbel aan de vooravond van het nieuwe schooljaar kreeg ik van de nagelnieuwe directie alvast de opdracht mijn hoofd te breken over de komende 6 jaar.  Na een eerste denkronde bleek het een heuse uitdaging te worden.  Er werd me gevraagd een budgetplan op te maken voor technologische toestellen binnen dit en zes jaar.   Waar heeft de school in die tijd behoefte aan op ICT-gebied?  Volstaat het om het computerpark te updaten?  Kunnen we de mobiele laptopklas uitbreiden?  Investeren we in extra tablets?

Ik herinner me nog goed toen ik ruim tien jaar geleden de eerste stap zette in mijn huidige school.  Elke klas beschikte over maximum 2 pc's voor de leerkracht en al zijn leerlingen.  Af en toe werd deze aangezet.  We zochten samen wel eens wat op.  Alle ogen naar het scherm gericht.  Het rekenweb  was nieuw.  Van YouTube of Facebook was nog geen sprake.  De Nokia 3310 was razend populair.  Draadloos internet was een ver-van-mijn-bed-show.  Tien jaar geleden lijkt lang niet zo ver terug.  Maar als je weet hoe snel de technologische wereld  geëvolueerd is, blijkt er in tien jaar enorm veel te kunnen gebeuren.  

Ondertussen geven we allemaal les met een digibord, hebben we overal supersnel wifi op school.  We maken gebruik van de cloud om onze lessen voor te bereiden en te delen.  Nuttige webtoepassingen vliegen in onze schoot.  Reikhalzend nemen we ze aan en gebruiken ze in onze lessen.  De wereld is kleiner geworden.  Het leven sneller.  Alles moet onmiddellijk kunnen worden opgezocht.  Iedereen bereikbaar.  Leven zonder sociale mediastatus is bijna uitgesloten.  Nieuwe werknemers worden gegoogled nog voor ze de hand geschud worden.  De technologische wereld kent geen grenzen.  Het lijkt een exponentiële vooruitgang die we niet meer kunnen stoppen.  Het onderwijs springt mee op de kar en integreert manieren waarbij ICT een prominente rol speelt.  

'Is het nodig om als school nog te investeren in pc's?' was mijn open maar gemeende vraag aan het Twitteruniversum.  'Zullen we binnen zes jaar nog steeds werk aanbieden aan onze leerlingen waarvoor zij naar een computerhoek in de klas moeten gaan?', de onderliggende betekenis.  Zullen we, wanneer we hen met muis- en toetsenbordwerk aan het werk zetten, niet ongelooflijk achterop lopen?  Hunkerend naar alles met touchscreen?  Snel, mobiel en bereikbaar, lijken de codewoorden in de huidige generatie.  Op mijn Twittervraag kreeg ik diverse, verrassende antwoorden.  Sommigen zien, ook het basisonderwijs, verder evolueren naar BYOD (Bring Your Own Device).  In dit systeem zorgen de leerlingen zelf voor hun ICT-middelen, de leerkracht en school voor de omkadering en inhoud.  

Om meer zicht te krijgen op het onderwijs van morgen ging ik ten rade bij Kennisnet.  Op hun website vind je verschillende onderzoeksrapporten over het leren van de toekomst.  Een van deze rapporten is een vergelijkende studie tussen verschillende modellen van 21st century skills.  Deze bundeling van vaardigheden is in het leven geroepen om het onderwijs een antwoord te laten geven op de steeds sneller veranderende maatschappij.  Onze samenleving, zowel sociaal als economisch, wordt meer en meer bepaald door de opeenvolgende technologische ontwikkelingen.  Om hen op deze snel veranderende wereld voor te bereiden, zullen we naast rekenen, taal en de zaakvakken ook belangrijke competenties moeten aanbrengen aan onze leerlingen.  Zo blijken samenwerken, creativiteit, ICT-geletterdheid, communiceren, probleemoplossend vermogen, kritisch denken en sociale en culturele vaardigheden van grote waarde.  Daarnaast winnen drie attitudes aan belang: betrokkenheid, ondernemendere en nieuwsgierigheid.  Deze 21st century skills kunnen een beleid vormen voor het onderwijs van nu, aan de volwassenen van morgen.  Om hieraan te voldoen, zijn de juiste middelen wel erg mooi meegenomen.  Verder snuisterend op de Kennisnetwebsite vind ik tegenwoordig erg veel over augmented reality en sociale media.  Het lijken logische stappen te zijn in het onderwijs.  Snel, mobiel en bereikbaar.  

Of ook het basisonderwijs daadwerkelijk de stap maakt naar 1-1 ICT-onderwijs of BYOD, daarvoor lijkt het mij persoonlijk nog net te vroeg oordelen.  De voorspelling kan misschien gemaakt worden, het budget is dat nog niet.  De maatschappij, het netwerk rond de school en de school zelf zijn daar (nog) niet klaar voor.  We zitten, nog steeds mijn inziens, in een tussenfase.  De experimenteerperiode. Het werken met pc's en laptops goed ingeburgerd.  De stap naar allomtegenwoordig megamobiel, nog in overweging nemend.  Het is afwachten of dat binnen de samenleving een blijvertje wordt of voorbijgestreefd door ander, nieuwer, sneller materiaal.  De eerste voorzichtige stapjes zouden gezet zijn, de investering blijft nog even wachten.

Villemard (1910) Utopie, en l’an 2000: à l’école.

In mijn denkpiste en de verschillende knopen die ik hierin tegenkwam, stuurde ik een open vraag naar de helpdesk van Kennisnet.  Bestaan er studies wat betreft het onderwijs van de toekomst en/of de toekomst van het onderwijs.  Want het onderwijs neemt niet graag risico's.  Net wat (duur) materiaal betreft, maar ook niet qua inhoud en aanbod.  Terecht.

Het plan waarnaar vraag was, zal onderbouwd worden met informatie die zo correct mogelijk is.  Eventueel gestaafd aan studies, mochten deze er zijn.  De vraag die ik kreeg was er een met veel inhoud.  Het antwoord erop zal nooit correct zijn.  De voorspellingen die we maken, zullen een richting kunnen geven.  De toekomst zal het uitwijzen.  Ik zoek en blijf zoeken.  Wordt, zeker en vast, vervolgd!

BRONNEN:
DesignTaxi (infographic)

maandag 19 augustus 2013

E.H.B.K.I. (Eerste Hulp Bij KlasInrichting)

JUNI 2013
Met 25 waren ze.  De eenaatjes van vorig schooljaar.  Een volle klas.  Met tijden was 't druk.  Soms zelfs te druk voor twee ogen.  Toen ik het vorige schooljaar startte, had ik plannen.  Dingen die ik wilde gaan doen.  Nieuwe werkvormen, extra differentiatie, meer hoeken, iPad integreren in de klaswerking.  Het werd een druk schooljaar.  Vijfentwintig zesjarigen krioelden door maan-roos-vis, splitsen en schrijfmotoriek.  Soms was het overzicht ver zoek.  Ik vond niet altijd de ruimte om te doen wat gepland.  Vijfentwintig paar voeten die hun weg zochten in de leerstof en werking van de lagere school.  Bij het afsluiten van de deur op 28 juni om 11 uur nam ik me voor om een vakantie lang na te denken over de indeling van het lokaal.  Mijn middelbare studie binnenhuisarchitectuur zou me hierbij helpen.


JULI 2013 
  Ik wil ruimte creëren.  Vrije plaats.  Voldoende afstand tussen de klasmeubels.  Ademruimte.  Werkruimte.  Beweegruimte.  Mocht het kunnen, mijn lokaal werd 2 meter breder en langer.  Het zou de klasorganisatie ten goede komen.  Ik heb grootse plannen voor de inrichting.  Kleur, licht, openheid, ruimte!  Het zullen er 21 zijn, die nieuwe eenaatjes.  Vier minder.  Die vier banken zullen onherroepelijk de deur uitvliegen.  Ik overtuig mezelf ervan dat ik ook zonder de tweede grote computertafel zal kunnen.  Mijn twee pc's passen absoluut op diegene die mag blijven.  Ik neem me voor mijn bureau ook deftig te houden.  Een goede en doordachte organisatie zal me hierbij helpen.  Snuisterend op Pinterest vind ik inspiratie met hopen.  Ik droom ervan.  Ideeën te over.  Stilaan begin ik moduleus te denken.  Zo kom ik erachter wat bij elkaar moet horen en in welke zone van de klas ik dat het liefst heb.



Ik neem me voor rekening te houden met de antwoorden op de volgende vragen:
- Waar geef ik de klassikale instructie?
- Hoe wordt de leerstof verwerkt?
- Welke taken krijgen de leerlingen als ze klaar zijn?
- Waar kunnen de leerlingen de materialen nodig voor hun werk vinden?
- Hoe werk ik het meest efficiënt gedurende een lesdag?

Ik zal moeten stilstaan bij de organisatie van het hoekenwerk, het zelfstandig werken, het maken van groepjes.  Bovendien wil ik een krachtige leeromgeving creëren tijdens het schooljaar.  De gang van zaken zal bepaald worden door een goede organisatie. 

AUGUSTUS 2013
De deur gaat open.  Het licht aan.  De klas kreeg een erg grondige poetsbeurt.  Alles moest eraan geloven.  De kasten tegen elkaar.  De banken tegen de lange kast.  De stoelen op de kast.  De zithoekmat spoorloos.  Laat díe net de start zijn van mijn gewoonlijke klasinrichting.  Eens die mat er ligt, kan ik beginnen puzzelen, schikken en herschikken.  De zithoek blijft op dezelfde plaats als anders.  Dicht bij het raam.  Licht.  Na een rondvraag duikt het kleed ineens op in de handen van een lieve poetsvrouw.  De werken kunnen starten.  Computertafel vlak tegen de achtermuur, boekenkast ertegen.  De materialenkasten omranden de zithoek.  De bankjes doordacht in drie groepen van zes, met een laatste vierde rij van drie bankjes.  Het werkhoekje op zijn plaats.  Tussendoor uiteraard alles opnieuw aanschouwend.  Schikken en herschikken.  Opnieuw tijd om alles te aanschouwen.  Is er plaats genoeg?  Zullen er 42 kinderbenen voldoende wandel- en vooral ook werkruimte hebben?  Het lijkt me goed zo!  Ik ben tevreden.  De voorbereidingen kunnen beginnen.

HULP! 
Om de banken goed te schikken kunnen voorbeelden welkom zijn.  Op Classroom Desk Arrangement vond ik verschillende opstellingen gerangschikt naargelang het aantal leerlingen.  Erg blikverruimend.  Wie "classroom arrangement" ingeeft als zoekwoord in Pinterest, krijgt een heleboel borden te zien die inspiratie kunnen bieden.  Om zelf aan de slag te gaan, kan Classroom Architect helpen.  Een erg eenvoudige tool met basisvormen die je kan helpen om een start te maken bij het inrichten van je lokaal.


Voor leerkrachten die net zo gezwoegd hebben als ik met het inrichten van hun lokaal, organiseert Teaching Channel een wedstrijd: Show Off Your Classroom.  Door het inzenden van een foto van (een fragment van) je klas maak je kans op een iPad of flipcamera.  Ik twijfel nog vanuit welke hoek ik mijn klas zal fotograferen.




BRONNEN:
http://www.ontwerpatelier.nl/etalage/pages/ActiefLeren/Leomonasa/effectiefleren/klassenmanagement.htm
http://www.jufmaike.nl/inrichting-van-je-lokaal/
https://www.teacherschannel.nl/infopage/12/
http://nieuwschooljaar.yurls.net/nl/page/

vrijdag 2 augustus 2013

ICTtip #3: QR-codes

Vorige week kreeg ik via Twitter een bericht van Bram Faems met de vraag of ik zin had om iets te vertellen over QR-codes in de klas voor zijn ICTtip podcast.  De voorbije weken zag ik al 2 podcasts verschijnen: eenvoudige, verhelderende ICTtips die elke onderwijzer wel zou kunnen gebruiken.  Zo behandelt ICTtip #1 het navigeren van muziek op pc en ICTtip #2 het gebruik van Pocket.  Beide ingesproken door Bram zelf.  ICTtip #3 zou dus een interview worden.  Via Skype.  Met mij.  Als Skypegroentje was het toch eventjes spannend dit medium te gebruiken.  Toch smeet ik mezelf in dit 'avontuur'.  Ik installeerde Skype.  Onderwierp die aan de nodige test en vond mezelf er klaar voor.

Na er ondertussen een maandje uit te zijn geweest (vakantie/ technisch werkloos...) nam ik er toch maar even opnieuw het inspiratieboek bij.  De sessies op de ICT-dag zaten ondertussen ook ver weg.  De voorbereiding voor het interview verliep toch behoorlijk.  Enkele woorden op een blad.  Wat doedels errond.  Het was tijd om mekaar te bellen.




Ingelogd op Skype.  Bram toegevoegd.  Een korte "Ben je er klaar voor?" luidde het startschot.  Eerst de audio checken.  Bram lijkt ervaren.  Alle mogelijke stoorzenders (hond, gsm, ...) uitschakelen of verwijderen.  De nodige volumes regelen.  Oortjes zoeken en inpluggen.  Take 1: verwelkoming, intro over QR... draad kwijt.  Excuses.  "Geen probleem, we doen het opnieuw.  Probeer nog informeler te praten!"  Oei... iets wat blijkbaar niet mijn ding is.  Schrijven, praten, interviews, ... voor een publiek blijken allemaal wat formeel.  Na een vlotte "Dag Bram" in take 2 ging het wel wat beter.  Het ijs gebroken.  De toon gezet.  AN én net iets minder formeel spreken lukt tóch!  Praten over hoe ik werk in de klas ligt me wel.  Ik leerde eerder ook dat op ja-nee-vragen ook een langer antwoord mogelijk is.  Af en toe probeerde ik te verduidelijken waarover we het hadden.  

Toch verraste Bram me af en toe met zijn vragen en vooral kritische blik.  Erg fijn ook een andere kant benadrukt te zien.  Want wie met QR wil werken in de klas of op school is natuurlijk genoodzaakt een internetverbinding bij de hand te hebben.  Hoewel dat niet altijd geldt.  De meeste QR-generatoren hebben de mogelijkheid om van een tekst(je) een QR aan te maken.  Om deze tekst te decoderen heb je geen internet- of dataverbinding nodig.  Bovendien kunnen QR-codes die een tekst bevatten een speurtocht op school mogelijk maken.  Een kleine rechtzetting, dus.  Het was een aangenaam gesprek.  Bram weet waarover hij spreekt.  Hij geeft je voldoening in je werk.  Behandelt je correct.  Een uur na het Skypegesprek kreeg ik een mail met de opname.  De podcast was klaar voor de ether.  

Aandacht!  Aandacht!  ICTtip #3 over QR-codes in de klas:


 
Wat betreft de reclamewereld en de QR-codes in het straatbeeld ook nog even dit.  Ik kom regelmatig QR-codes tegen: op bussen, op affiches, flyers, straatstenen, achter vensters, ... .  Sinds ik me een jaar geleden verdiepte in de wondere wereld der QR vallen ze me steeds meer op.  Ik begin er een oog naar te krijgen.  Zoonlief en ik maken er wel eens een wedstrijdje van: 'om ter meeste QR's vinden!'.  Het valt me bij vele vaak op dat de QR niet goed wordt ingezet.  De link waarnaar verwezen wordt, werd vaak niet verkleind.  De code wordt te klein of te groot afgebeeld.  Vaak zijn ze ook te vinden op plaatsen waar je gewoon geen tijd of zin hebt om je smartphone boven te halen.  Nutteloos dus.  Ofte, net zoals een Facebookvriend reageerde: 
 Heel boeiend interview Ive ... klopt volgens mij ook volledig dat QR code voor reclame
op zijn einde lopen maar om informatie door te geven nog maar aan het begin staat.

Bedankt Bram, voor dit fijne interview en mijn Skype-ontmaagding.

maandag 1 juli 2013

"Laat je niet vangen door het web!"

Het behoort ongetwijfeld tot de taken van het onderwijs om kinderen hun weg te leren kennen in de technologische wereld. Hierdoor leren ze diverse toepassingen kennen die hen efficiënter laten leren én leven.  Bij deze kennis en vaardigheden, die de leerlingen al doende ondervinden, is een gepaste attitude wenselijk. “De leerlingen gebruiken ICT op een veilige, verantwoorde en doelmatige manier”, lezen we in de eindtermen ICT.  Het is nodig kinderen kritisch te leren omgaan met media en informatie.  Zo kunnen ze groeien tot bewuste computergebruikers, met voldoende weerbaarheid. Ze worden zich bewust van hun digitale identiteit en zijn alert voor ongemakken.

Met dit beleidspunt in het achterhoofd was de stap naar veilige internetlessen snel gemaakt.  Net als vorig schooljaar voelde ik mezelf als ICT-coördinator op onze school aangewezen om de leerlingen enkele lessen over de wondere webwereld te presenteren.  Samen met de zorgcoördinatoren kozen we vorig schooljaar om deze lessen vanaf het 4de leerjaar te organiseren.  We bekeken toen ook de globale inhoud ervan.  Het zou over cyberpesten gaan.  Over digitale identiteiten ook.  We zouden ze doen nadenken over de mogelijke gevaren van het internet en sociale media.  Er ontstond een discussie: wat doen we met Facebook?  Hoewel nog geen 13 waagden veel leerlingen zich al wel op deze sociale mediatrein.  Ik mocht hen confronteren met wat zij op het internet, en dus ook sociale media, te grabbel gooien.  Foto's, filmpjes, statussen, uitspraken, ... alles kon de revue passeren.

Een confrontatie wérd het.  Blozende wangen bleven niet uit.  In de veilige omgeving van de klasgroep en met de juiste afspraken kwam de boodschap al gauw over: het internet vergeet niet!  We stelden ook dat privacy belangrijk is.  Deze privacy begint echter bij de online gebruiker.  Hoe beter hij gewapend is, hoe veiliger hij kan surfen.  

De 4de en 5de klassers van vorig schooljaar kregen nu opnieuw dus de lessen veilig online. Samen met de collega's van de 3de graad sprak ik af hen een anoniem invulformulier te mailen over hun internetgedrag.  De mail zou van een fictief onderzoeksbureau komen die de opdracht kreeg jongeren te bevragen over hun online veiligheid.  Een valstrik!  We waren erg benieuwd hoe de leerlingen erop zouden reageren.  Zouden ze hun paswoord geven?  Zouden ze hun adresgegevens publiek maken?  Om hen nog meer te triggeren werden mooie prijzen beloofd aan de inzenders.  Het werd spannend afwachten tot de eerste inzendingen binnen kwamen.  Een week na doorsturen kreeg ik slechts 2 reacties.  Beide met slechts enkele zaken ingevuld.  Geen privégegevens, geen wachtwoorden, geen adressen, zelfs geen telefoonnummer of naam.  Een teleurstellend laag aantal.  Hoewel... Enige trots maakte zich meester van me.  De veilige internetlessen van vorig schooljaar hebben hun resultaten geboekt.  De leerlingen bewijzen opnieuw zich bewust te zijn van hun online leven.  




Van de leerkrachten 3de graad kreeg ik een ganse namiddag.  Met een presentatie en enige interactie zouden we de inhoud van vorig schooljaar herhalen.  Aangevuld met nieuwe zaken.  Het internet staat trouwens niet stil.  Op een jaar tijd kan heel wat veranderen.  Het voorbije jaar ontdekten heel wat jongeren bij ons op school online games als Go SuperModel.  Het leek me erg belangrijk om ook bij deze virtuele werelden even stil te staan.  Dankzij enkele interessante artikels op Kennisnet waagde ik mezelf een halve expert te noemen op dit vlak.  

Opvallend tijdens de sessies over veilig online is dat de kinderen met heel veel vragen zitten.  Het is een voor hen behoorlijk nieuwe wereld waarin je jezelf kan smijten.  Voor je het weet, kan je er verloren lopen.  Het viel me ook al eerder op hoe (sommige) ouders omgaan met sociale media.  Alsof heel het dagboek online mag staan.  Zo begon ik ook mijn toespraak.  De ouders leerden nooit om veilig en bewust om te gaan met de nieuwe media.  Aan de kinderen om hun ouders er wegwijs in te maken.  Aan de ouders om hun kinderen sociaal bewust te maken.  Erover praten is belangrijk.  Tijdens het speelkwartiertje stond ik daarom ook open voor vragen van de leerlingen.  Sommigen maakten een afspraak om hun probleem op een later tijdstip samen te bekijken en op te lossen.  

Interessante lessen.  Zowel voor mezelf als voor de leerlingen.  Het is duidelijk dat kinderen er nood aan hebben.  Open communicatie over online leven.  Volgend schooljaar opnieuw!

(in een volgende blogpost omschrijf ik het werken met het veilig online spel in het 4de leerjaar)

woensdag 17 april 2013

QR in de klas > een themablog

In februari 2013 gaf ik op de 22ste ICT-praktijkdag voor de eerste keer de sessie QR-codes in de klas gebruiken.  Tijdens de voorbereiding hiervan merkte ik dat al heel wat collega's hun stappen zetten in het gebruik van QR in hun klas.  Op allerhande manieren maken ze graag duidelijk aan ieder die het lezen, horen, weten... wil hoe zij QR integreren in de klaspraktijk.  Ik passeerde blogs, Pinterest, Flickr, Youtube, Picasa, Facebook, Yurls, Twitter en een hoop andere media.  Om al dat nuttigs te bundelen, startte ik een eigen QR in de klas-Yurlspagina.

De sessie zelf was een verrijking.  Er hing heel wat inspiratie in de lucht.  We leerden van en met elkaar.  Iedereen had inspraak.  Iedereen zijn ideeën.  Sommigen ook vragen.  Er werd op elkaar ingespeeld.  Mooi om zien, nog mooier om er deel van te mogen uitmaken.  We namen de ideeën mee.  Om collega's te overtuigen. De tijd was te kort.


Het verhaal mocht nog niet stoppen.  Zo bleek ook uit de fijne reacties die na de sessie kwamen.  Eén van die reacties bleef door mijn hoofd spoken:

"Misschien nog een manier vinden om de ideeën of voorbeelden die men in de les aangebracht heeft nog beter te delen."
Het werd de start van een lange denkweg.  Een wiki zou mogelijk zijn.  Al is mijn ervaring daarin behoorlijk klein en de tijd vrij beperkt om dit voor mij nieuwe medium uit te zoeken.  Bloggen dus!  Een QR-blog waarbij geïnteresseerden een eigen login krijgen en hun QR-ervaringen, -opdrachten, -werkbladen of -activiteiten kunnen delen.  De blog vind je door op onderstaande afbeelding te klikken.




Als je interesse, ideeën of materiaal hebt, stuur me gerust een mail.  Dan mail ik je een uitnodiging om mee te QR-bloggen.

zaterdag 13 april 2013

Hoera voor het internet!

"De baas van internet moet wel heel slim zijn."  Een van de geweldige hersenspinsels van een eenaatje enkele weken terug.  Maar nog niet zo gek bedacht.  Het volledige wondere web bekijkend, ligt er voor iedereen wel enorm veel te rapen.

Internet is een bron aan informatie.  Maar daarenboven kunnen we er ook allemaal ons ei op kwijt.  Het is een communicatiemiddel en tegelijkertijd een ontwerptool.  Op zich zijn die ICT-eindtermen nog niet zo slecht bedacht.  Voor elk doel liggen de webmogelijkheden voor het rapen.  

(Afbeelding: Tripwire Magazine)


Met het internet kan je dus ontzettend veel.  Je kan gaan zoeken, delen, vormgeven, samenwerken, in interactie gaan, ontwikkelen, ...  In mijn functie als ICT-coördinator krijg ik wel eens de vraag wat mogelijke internettoepassing zou kunnen zijn voor een bepaald lesonderdeel of -activiteit.  Mijn avondlijke omzwervingen op het net leveren vaak pareltjes van tools op.  Vooral voor mezelf, maar ook voor collega's en iedereen die het horen wil, bundel ik deze in een soort mindmap.  Pearltrees is een handige tool om al je links gestructureerd en zo overzichtelijk te houden.

Het vinden van de structuur bleek erg eenvoudig: de eindtermen ICT.  Om in deze ICT-doelen nog meer inzicht te brengen, maakte ik aparte rubrieken die het eenvoudiger maken de juiste tool te vinden. Ondertussen mag ik al spreken van een aardige boel toepassingen die in het onderwijs nuttig kunnen zijn.  Al besef ik dat ik met deze verzameling ongetwijfeld slechts het topje van de ijsberg aanraak.  Een steeds groeiend proces, zeg maar.  Wanneer ik nieuwe middelen vind, nodig heb of daar zin in heb, voeg ik er nieuwe bij.  Via dit blog wil ik de verzameling graag delen.  Onder het tabblad 'ICT in de klas' vind je de pearltree.  Bij sommige toepassingen vind je ook een mogelijke invulling in de les.  Het is natuurlijk aan de gebruiker om met de internettool aan de slag te gaan.  ICT kent geen grenzen, net als het internet.  De grenzen van het ICT-onderwijs worden echter bepaald door de leerkracht die ermee omgaat.  


Regelmatig hoor ik de handen-in-de-haren-vraag: "ICT in de klas, ok.  Maar waar vind ik alle toepassingen die onmiddellijk bruikbaar kunnen zijn?"  Er bestaat inderdaad een overvloed aan ICT- & internettoepassingen.  Uitzoeken welke de goede of zelfs de beste zijn, is als zoeken naar een speld in de denkbeeldige hooiberg.  
Om door de bomen het bos al wat meer terug te kunnen vinden, verzamel ik heel wat tools in onderstaande 'PearlTree'.  Toepassingen die bruikbaar zijn in het onderwijs.  Enkele ervan kregen al een korte uitleg of voorbeeld.  De tools werden gecategoriseerd op ICT-eindterm.  Het is aan de gebruiker om te bepalen welke ICT-doelen bereikt kunnen worden bij een bepaalde les, om vervolgens in de 'tree' op zoek te gaan naar een gepaste toepassing.
Heb je een van onderstaande tools eerder al gebruikt, en wens je je activiteit graag te delen?  Ken je nog andere bruikbare tools?  Mail me gerust! Ik plaats het online.

vrijdag 12 april 2013

Leerstof als game

Een metrostation in Stockholm.  De trap en de roltrap naar boven staan zijdelings naast elkaar.  Zo goed als alle passagiers verkiezen de roltrap voor hun ritje naar de begane grond.  Terwijl elk van hen beseft dat extra lichaamsbeweging goed is.  Tijd voor een experiment!  De trap werd, mits de nodige technische creativiteit, omgevormd tot een functionerende piano.  Elke trede een andere klank.  Wat bleek?  Twee derde van de roltrappers maakt de verplaatsing nu via de gewone trap.  Sommigen van hen maken er zelfs een dansje op.  Breng de 'fun' in dagelijkse dingen en we willen ons er extra voor inzetten.



Het was een artikel in Humo dat me deed beslissen het toch te wagen bij deze grote, enthousiaste bende eenaatjes.  Al vaker wezen tweets en blogberichten me op het interessanter maken van de leerstof door er spelelementen aan te koppelen.  Ik probeerde eerder al wel heel wat lessen actiever aan te pakken.  Maar de echte game-elementen bleven in de kast.  Opbouw in levels, teamwork, onmiddellijke beloning,  de leerkracht als helpdesk.  De leerstof blijft gelijk, de lesopmaak in een ander kleedje.  

Het onderwerp van de dag zou samenstellingen zijn.  Nog geen twintig minuten voorbereidingstijd de avond voordien.  Woordkaartjes maken en afdrukken op verschillende kleuren papier.  Voor elke groep een kleur.  Level 1 wordt het zoeken van deze kaartjes in de eetzaal.  Daar hebben we namelijk plaats genoeg om met z'n 25 in spelmodus aan het leren te gaan.  De woorden op de kaartjes zijn telkens een deel van een samenstelling.  Level 2: zoek de zes samenstellingen door de kaartjes die bij elkaar horen samen te leggen.  Van deze samenstellingen krijgen de groepen ook hun eigen afbeeldingskaartjes die in level 3 correct gelegd moeten worden.  Als 4de level voorzag ik enkele zinnen uit de instructie die de groepen in de juiste volgorde moeten leggen.  



Die ochtend maakten we ons sneller klaar dan anders.  Er werd namelijk aangekondigd dat we een spel zouden spelen.  We verdeelden ons in vijf groepjes.  Er zouden vijf levels bereikt kunnen worden.  Al het nodige materiaal namen we klaar en op naar de refter.  Een voor een werden de gamers aangesproken en gingen op zoek naar de juiste kleur kaartjes.  Een erg eenvoudige opdracht, waarbij elk groepslid zijn zijn werk had.  Vooraf vertelde ik dat er 12 kaarten moesten worden gevonden.  Sommige spraken gebieden van de eetzaal af, waardoor elk groepslid zijn eigen taak kreeg.  Geweldig om zien met welk enthousiasme iedereen er in vloog.  Level 1 was voor sommigen al behoorlijk snel bereikt.  De eerste munten waren binnen.  Die moesten worden gespaard voor het melkje van de voormiddag.  Wie goed samenwerkte, kreeg een extra munt.  De mindere lezers werden zo mee op de kar getrokken.  Elke groep kreeg tussentijdse instructie om aan de slag te kunnen met de volgende uitdaging.  Enkele steekproeven bij het bereiken van de verschillende levels leerde me dat de doelen van de les echt wel bereikt werden.  We waren het erover eens.  Dit willen we zeker nog eens!!!

Drie weken later... de toetsenweken zijn volop op gang.  Tijdens de toetsen is het steeds muisstil in de klas.  Iedereen volgt waar we zijn en luistert naar elke instructie.  Tot bij de toets taalbeschouwing: "MEESTER, DAT HEBBEN WIJ GELEERD BIJ DAT SPEL!"  Met enige trots in mijn lijf meldde ik toch maar dat het tijdens de toets best stil is.  De fierheid viel duidelijk van mijn gezicht af te lezen.  Dit vraagt naar meer!  Vaker!  

Mijn leesvoer voor de volgende weken worden deze berichten en websites: